Heeft u aanvullingen en opmerkingen over deze tekst, dan zijn deze meer dan welkom!!
Klik hier voor een recente versie als pdf bestand
reactie en vragen:
hugenholtz4@xs4all.nl
homepage Gerard Hugenholtz
Volgens een oude overlevering leefde er in de 15e eeuw, in
het Oosten van Duitsland een monnik, die in opstand kwam tegen
de rooms- katholieke kerk. Hij zou zich vervolgens hebben aangesloten
bij één van de eerste protestantse groeperingen.
Toen ze hem op de brandstapel wilden gooien is hij gevlucht. Hij
heeft toen drie dagen in een hoge boom verscholen gezeten om aan
zijn belagers te ontkomen. Daarna heeft hij naar het Westen van
Duitsland weten te ontvluchten. Daar heeft hij de naam Hohenholz
aangenomen omdat de hoge boom zijn leven had gered (Hohenholz
betekent: hoog hout). Hij zou een vriend en lantaarndrager van
Maarten Luther zijn geweest. Hohenholz is later veranderd
via Hugenholdt in Hugenholtz. De schrijfwijze Hügenholtz
komt ook regelmatig voor, maar wordt vaak gebruikt door en voor
mensen die officieel Hugenholtz heten. Waarschijnlijk omdat de
naam, ook in Duitsland op z'n Nederlands wordt uitgesproken.
Volgens een ander familieverhaal (dat in verschillende takken
wordt verteld), zouden de verre voorvaderen van de Hugenholtzen
roofridders zijn geweest.
Hoeveel waarde er gehecht moet worden aan dergelijke verhalen
is vaak moeilijk te zeggen. Vaak bevatten ze wel een kern van
waarheid, maar is er in de loop der eeuwen het één
en ander weggelaten of aan toegevoegd, vaak ter meerdere glorie
van de familienaam. Concrete bewijzen zijn meestal niet te vinden.
De archivaris van Wetter aan de Ruhr sprak het vermoeden uit dat
enkele zeer vroege familieleden in de middeleeuwen wellicht wapensmid
geweest zijn.
Toen Petrus Bernhardus Hugenholdt, omstreeks 1710 twee van zijn
zonen toestemming gaf om theologie te gaan studeren, kon hij onmogelijk
vermoeden dat hiermee een traditie van 250 jaar zou beginnen,
waarin de familie onafgebroken predikanten zou leveren aan de
kerken van Nederland, Duitsland en de Verenigde Staten. In totaal
zijn er 28 predikanten uit deze familie voortgekomen (48% van
de mannelijke volwassenen die vóór 1900 geboren
waren werd predikant).
Ze waren over het algemeen orthodox of confessioneel maar enkelen
zwaaiden door naar de vrijzinnigheid.
Ds. G.W.K. Hugenholtz (1889-1969) ging als laatste met emeritaat
en toen zijn broer J.B.T. Hugenholtz (1888-1973) overleed was
er geen predikant meer in leven. Misschien dat de draad weer opgepakt
wordt door de huidige of de volgende generatie.
GESLACHT HUGENHOLTZ
Arina (20 september 1848-4 april 1934) (A,P)
Ze is geboren in het Zuidhollandse Cillaarshoek (tegenwoordig
gemeente Maasdam).
Al op jeugdige leeftijd begon ze te schilderen. Haar eerste tekenlessen
kreeg ze in Haarlem bij Plaats en van de Zul, die daar een atelier
hadden. Met haar ouders verhuisde ze naar Amsterdam, waar ze les
aan huis kreeg.
In Den Haag ontmoette haar vader, die een opgewekte en levenslustige
persoonlijkheid was, de vaak zwaarmoedige schilder Anton Mauve
(neef van Vincent van Gogh). Merkwaardig genoeg kwam het tussen
de twee tegenpolen tot een hechte vriendschap. Mauve zag toen
voor het eerst het werk van de jonge Arina, die te kennen gaf
verder te willen studeren in Parijs. Hij raadde haar dit af en
adviseerde haar bij Blommers lessen te nemen. Hij zag wel wat
in haar werk en hoewel hij een hekel had aan lesgeven heeft hij
haar toch vaak waardevolle adviezen gegeven.
Op 25 jarige leeftijd werd ze toegelaten tot de Amsterdamse Academie.
Drie jaar later, in 1880, ging ze naar Den Haag, waar ze een atelier
betrok aan de Bezuidenhoutseweg. Van hier uit werkte ze veel in
Scheveningen en Katwijk. Ook heeft ze een tijdje in Parijs gewoond
en één jaar in Amerika.
In 1885 vestigde ze zich in op aanraden van Mauve in Laren, die
daar zelf ook al enige jaren woonde. Zo kwam ze voor het eerst
in aanraking met het Gooi. In 1894 vestigde ze zich daar voorgoed,
nadat ze een atelier had laten bouwen aan de Stationsweg.
In haar werken is de grote invloed van Mauve te zien. Niet alleen
kwamen de keuzen van de onderwerpen overeen, ook het gebruik van
de kleuren laten zien dat zij de tinten van Mauve had geleerd.
Een van haar belangrijkste verdiensten was wel dat ze door haar
internationale contacten bemiddelend kon optreden tussen Amerika
en de Larense kunstenaars. Daarmee heeft ze dus meegewerkt om
de grondslagen voor het succes van deze schilders te leggen.
De rest van haar leven heeft zij in Laren gewoond. Ze is tot aan
haar dood actief geweest met schilderen, tot ze op een morgen
onverwacht overleed in hotel "Hammdorf" waar ze 40 jaar
gewoond had. Op 7 april 1934 werd ze onder grote belangstelling
begraven op de Algemene Begraafplaats.
vader:
Philips Reinhard (1821-1889)
Addy (30 april 1947- ) (A)
Ze is geboren in Hilversum.
vader:
Eduard Herman (1911- )
Abraham (30 april 1972- ) (A,P)
Hij is geboren in Bunschoten-Spakenburg (Molenstraat 58).
Zijn roepnaam is "Bram".
Hij is gedoopt in de Bergkerk in Amersfoort door ds. J. Elderenbos.
Hij heeft gezeten op de kleuterschool "'t Roefke" (1976-1977),
kleuterschool "de Blokkendoos" (1977-1978),
basisschool "de Grondtoon" (1978-1984) en vanaf 1984
zit hij op het Farelcolege in Amersfoort.
Hij is getrouwd op 9 mei 1997 in Bunschoten-Spakenburg met Talitha
Koelewijn, geboren op 18 septemebr 1975 aldaar. De kerkelijke
inzegening vond plaats in de Westerkerk door ds. W. van der Wind.
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1932- )
Annelies ( 1973- )
vader:
Hans (1937- )
Albertha Arnolda Catharina (28 juli 1826-17 februari 1903) (A,P)
Ze is geboren in Vorden. Haar roepnaam was Bertha.
Op 26 januari 1864 trouwde ze in Dokkum met ds. Jan Douwes (1816-7
oktober 1888), die predikant was in Leens en daar ook is overleden.
Ze is overleden in Laag Keppel.
Haar man was eerder getrouwd met Anna Elisabeth Andreae.
kinderen:
1)Anna Elisabeth Douwes ( -1865)
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1790-1868)
Anna Catharina (21 april 1723-4 mei 1796)
Er wordt wel eens 23 april 1723 als geboortedatum opgegeven,
dit is echter zeer waarschijnlijk niet correct.
Op 2 september 1743 trad ze in het huwelijk met ds. Johannes Lindeman
( 1700-26 september
1768), die predikant was in Schüttorf. Hij is gedoopt in
Schüttorf op 7 juli 1700 en een zoon van Jan Willem Lindeman
en Elisabeth Frantzen.
kinderen:
1)Johannes Wilhelm Lindeman ( -
)
2)Frederik Arnold Lindeman ( -
)
3)Johannes Petrus Lindeman ( -
)
vader:
Friedrich Wilhelm (1693-1730)
Ada Charlotte (5 juni 1920- ) (A)
Ze is geboren in Apeldoorn, waar ze op 15 juli 1947 in het
huwelijk trad met Adolph Hendrik (Henri) Putman Cramer.
Momenteel woont ze in Naarden.
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1884-1963)
Anna Clara Catharina (30 juli 1736-2 juni 1743)
Ze is gedoopt in Wetter a/d Ruhr op 13 april 1737.
vader:
Petrus Bernhardus (1663-1736)
Adriana Cornelia Susanne (9 september 1804-24 november 1826) (A)
Ze is geboren in Utrecht, waar de volgende advertentie in de krant verscheen:
Door Gods goedertierner hulp is myne tedergeliefde Huisvrouwe,
Catharina Geertruida van Rossem, dezen nacht bevallen van eene
welgeschapene DOCHTER, welke zich, met de kraamvrouwe, redelijk
welvarend naar den tijd mag bevinden.
P. HUGENHOLTZ,
Utrecht,
den 9 september 1804.
Op 21 jarige leeftijd trad ze op 26 oktober 1825 in Utrecht
in het huwelijk met ds. Theodore Paul Bergsma (10 maart 1800-3
september 1834). Hij is een zoon van Guillaume Bernard Bergsma
en Sjourje Scheltema.
Ze is overleden in Odijk, waarover de volgende advertentie verscheen:
Tot grote droefheid van mij, haren tedergelievend Echtgenoot
en van haar zo hoogschattende, Ouderen en Betrekkingen, stierf
heden mijne Huisvrouw ADRIANA CORNELIA SUSANNE HUGENHOLTZ aan
koortsen, die haar, anders voorspoedig kraambed afbraken, oud
22 jaren en ruim 2 maanden, na eene vereeniging van slechts één
jaar. Daar zij in de welgegronde hoop des eeuwigen levens henen
ging en dat in nederigheid des harten betuigde, mag ik mij daarmede
opbeuren, mijzelven en mijn kindje aan haren en mijnen Vader in
de Hemelen aanbevelen, en, terwijl Vrienden en Bekenden dit voor
berigt aannemen, hen verzoeken, door hunne gebeden mij daarin
te willen helpen.
ODIJK, T.P. BERGSMA,
den 24 november. Predikant.
kinderen:
1)Willem Bernhardus Bergsma (1826-1900), geboren in Odijk.
Ds. Bergsma hertrouwde in Utrecht op 15 oktober 1828 met Christina
Cazius (1805-1879), een dochter van Jan Hendrik Cazius en Christina
Anna Reigersman.
Omdat zijn zoon al op 7 jarige leeftijd wees werd, werd deze in
het gezin van zijn grootvader, ds. P. Hugenholtz (1766-1832),
opgevoed.
vader:
Petrus (1766-1832)
Alexander Daniël Gerhard (21 maart 1996- )
Hij is geboren in het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam na een zwangerschap van bijna 28 weken. Hij is de (oudere) tweelingbroer van Christiaan Gabriël Gerhard.
vader:
Gerhard Willem Karel (1964- )
Anna Frederika (9 juni 1860-6 maart 194 2) (A,P)
Ze is geboren in Amsterdam. Haar roepnaam is Anne.
Ze gaf het "jawoord" op 8 mei 1884 in Den Haag aan Jean
Philippe Dirk Lenting (27 juni 1855-20 mei 1911), die een zoon
is van Lambertus Eduard Lenting en Charlotte Schneidius.
kinderen:
1)Elsa Lenting (1891- )
2)naam onbekend (1899- )Ŀ_ tweeling
3)naam onbekend (1899- )ÄÙ
vader:
Philips Reinhard (1821-1889)
Anne Frederik Hendrik (21 december 1903-5 mei 1989) (A,P)
Hij is geboren in Zoelmond (gemeente Beusichem), waar hij tevens
gedoopt is.
Tot 1910 heeft hij in Zoelmond gewoond, daarna is hij met zijn
ouders verhuisd naar Den Haag. Hij is nooit gehuwd. Hij was alleenimporteur
van chemische produkten die nodig zijn voor de bereiding van boter.
Ook exporteerde hij allerlei artikelen. Zo had hij bijvoorbeeld
een grote klantenkring in Teheran (Iran), die o.a. eiwitpoeder
van hem afnam.
vader:
Petrus Herman (1849-1926)
Adriana Hendrika (19 maart 1800-1 maart 1847)
Ze is geboren in IJsselstein, waar ze gedoopt is op 9 april
1800.
Op 25 april 1822 is ze in het huwelijk getreden met ds. Hendrik
Maandag (18 juli 1792-3 juli 1875), die op dat moment predikant
in Dubbeldam was. Hij is een zoon van Gerrit-Jan Maandag en Gerritje
van Heelsum ( -1801).
kinderen:
1)Gerarda Maandag ( - ), geb.
in Dubbeldam
vader:
Johannes (1755-1816)
Adriana Hendrika ( _ )
Ze is gehuwd met Mathijs Zuidema in 1880.
vader:
Jan Willem (1832-1874)
Adriaan Jacob (15 september 1762-vòòr 1782)
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1724-1797)
Alida Jacoba (19 juni 1887-14 maart 1971) (A,P)
Ze is geboren in Velp. Haar roepnaam is Lidy. Eerst is ze getrouwd geweest met S. Lopez Cordoza, die bij een treinongeval bij Weert om het leven kwam. Vervolgens trouwde ze met Arie Bastiaan de Zeeuw. Hij stierf op 85 jarige leeftijd op 18 april 1967.
vader:
Nicolaas Johannes Agatho Christiaan (1859-1921)
Alida Louise (17 maart 1922- ) (A)
Ze werd geboren in Gedangen, in de residentie Soerabaya. Haar
roepnaam is Liet.
Op 4 februari 1956 verloofde ze zich met ir. Heimen Mathol ( 9
februari 1918-
), waarna ze op 12 mei 1956 in Den Haag in het huwelijk traden.
kinderen:
1)Elisabeth Josine Marie Mathol geb. Den Haag 8 juni 1957
2)Wiggert Anton Frederik Mathol geb. Den Haag 22 febr. 1960
vader:
Frits Willem Nicolaas (1891-1965)
Anna Margaretha ( 1697- )
Uit het doopregister van de "Evangelisch-Reformierte Kirchengemeinde Wetter-Freiheit" (Ruhr) blijkt dat ze op 16 augustus 1697 gedoopt is.
vader:
Johann Henrich (1654-1727)
Anna Maria (20 augustus 1759-6 februari 1761) (A)
vader:
Petrus Hermannus (1728-1811)
Anna Maria (8 maart 1762-11 mei 1794)
Ze is getrouwd op 8 januari 1787 met mr. Hendrik Vockestaert
(
1765-10 september 1807).
kinderen:
1)Cornelia Henriëtte Vockestaert (1787-
)
2)Pieter Herman Vockestaert (1793- )
3)Hendrik Melchior Vockestaert (1794- )
4)Henriëtte Cornelia Vockestaert ( -
)
vader:
Petrus Hermannus (1728-1811)
Anna Maria (26 mei 1911- ) (A)
Ze werd geboren in Apeldoorn, waar ze op 30 januari 1942 in het huwelijk trad met J.W.C. Tellegen.
kinderen:
1)Alida Johanna Tellegen (1944- ), geboren in
Almelo.
2)Henriëtte Elisabeth Tellegen (1946- ),
geboren in Almelo.
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1884-1963)
Albertina Stoflina Johanna (4 november 1862-22 september 1937) (A)
Ze is geboren in Nieuwendiep en getrouwd in Rotterdam op 2
november 1893 met ir. Aart van Veen (5 september 1863-15 maart
1942).
Ze is overleden in Den Haag.
Haar echtgenoot was scheepsbouw- en werktuigkundige. Hij was de
zoon van Christiaan van Veen en Maria Adriana Hoogendijk.
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1828-1903)
Bernd (Hugenholdt) ( 1635-ná 1715)
Hij is geboren in Wetter a/d Ruhr, waar hij van 1661 tot 1715
"Frohn" (gerechtsbode) was.
Hij is getrouwd met Elisabeth Pottmann, een dochter van Robert
Pottmann, die eerst "Ratmann" en later burgemeester
van Wetter a/d Ruhr was. Ze wordt op 2 februari 1690 nog genoemd
als doopgetuige in het doopboek van de evangelisch lutherse kerk.
Kinderen:
1)Johann Henrich (1654-1727)
2)Petrus Bernhardus (1663-1736)
3)Johann Diederich (1683-1763)
4)Peter Hermann ( - )
vader:
Peter (1610-1693)
Bruno (12 mei 1874-5 juni 1874) (A)
Hij is geboren in Apeldoorn.
vader:
Johannes Bartholomeus (1837-1923)
Barbara Christina Margaretha (17 juli 1951- ) (A)
Ze is geboren in Bentveld en gedoopt in Ammerstol door haar
grootvader Hugenholtz.
Op 27 maart 1976 trouwde ze met Willem Schiphorst (22 februari
1976-
). Hij is een zoon van Willem Schiphorst en Rika Vermeulen.
Ze hebben gewoond in Londen en Zürich en op dit moment wonen
ze in Genève.
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1914- )
Benjamin Kornelius (26 mei 1968- ) (A)
Hij is geboren in het gemeenteziekenhuis in Schiedam en studeert momenteel in Amsterdam.
vader:
Kornelius (1949- )
Bastiaan Maarten (25 december 1971- )
Hij heeft een "bachelor in chemical engineering"
vader:
Dirk Johan (1941- )
Catharina (8 juni 1768-
)
Ze is vóór 1782 overleden.
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1724-1797)
Catharina ( ca 1820-7 september 1821)
vader:
Petrus Hermannus (1796-1871)
Cornelis (21 maart 1843- augustus ) (A)
Hij is geboren in Rotterdam.
vader:
Petrus Hermannus (1796-1871)
Christopher (11 December 1984- )
vader:
David (1966- )
Coenraad Albertus Jacobus (21 maart 1893-16 mei 1917) (A,P)
Hij is geboren in Axel en kreeg als roepnaam Co.
Bij de Hollandse Maatschappij ter Fabricatie van Gecondenseerde
melk was hij in dienst als scheikundige. Hij was van plan om over
enige tijd, evenals zijn broer Henk, naar Nederlands Indië
te vertrekken.
Op een avond zou hij vanuit de fabriek nog gauw even een brief
posten. Hij liep vlug tussen een paar stilstaande goederenwagons
van een stoomtram door. Juist op het moment dat hij tussen de
buffers was, werd tegen één van de wagons, door
enkele arbeiders, een andere wagon geduwd. Hij werd zwaar gewond
in het gemeenteziekenhuis aan de Coolsingel 63 in Rotterdam opgenomen.
Enkele uren later is hij aan zijn zware verwondingen overleden.
Op 21 mei 1917 is hij onder grote belangstelling begraven in Axel.
Ds. van Dis uit Zaamslag leidde de begrafenis. Hij had de overtuiging
dat "Gods woord te allen tijde troost schenkt en zelfs de
grootste droefheid lenigt". De moeder van Co was zo overstuur
dat ze niet bij de begrafenis aanwezig kon zijn. Zijn vader nam
afscheid met de woorden: "Tot weerziens mijn zoon".
Na zijn dood hing er een groot portret van hem boven de deur in
de pastorie in Axel. Zijn graf was tijdens mijn bezoek aan Axel
in 1985 nog aanwezig, maar was in zeer slechte staat.
Het is frappant dat juist op de avond van het ongeluk zijn moeder
wakker schrok en tegen haar man zei: "Co is dood!".
Haar man kalmeerde haar en ze gingen weer slapen. Enige tijd later
kregen ze een telegram met de boodschap: "Zoon ernstig ziek,
komt direct".
Vele tientallen jaren na zijn dood (jaren '70), werd mijn grootmoeder
Hugenholtz-Lehmkuhl benaderd door een vrouw die informeerde naar
Co Hugenholtz. Ze vertelde dat Co haar vriend was geweest. Ze
gingen vaak grote stukken samen wandelen. Hij was echter plotseling
niet meer op komen dagen, en sindsdien had ze niets meer van hem
gehoord. Pas toen hoorde deze vrouw dat hij niet meer was gekomen
omdat hij verongelukt was.
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1859-1922)
Coenraad Albertus Jacobus (3 juni 1937- ) (A)
Hij is geboren in Klaaswaal en kreeg als roepnaam Albert.
Hij is verloofd in 1966 met Eefje Wedekind, waarna hij met haar
trouwde op 18 juni 1966 in Zeist. Het huwelijk werd kerkelijk
ingezegend door de vader van de bruidegom, ds. G.W.K. Hugenholtz,
in de Oude kerk in Zeist.
Hij is gepromoveerd in 1990.
kinderen:
1)Henriëtte (1967- )
2)Frederieke (1969- )
vader:
Gerhard Willem Karel (1889-1969)
Catharina Christina (15 april 1851-9 maart 1915) (A,P)
Ze is geboren in Haarlem. Haar roepnaam is Cats.
Op 13 maart 1873 ging ze in Amsterdam in ondertrouw met dr. Karel
Snellen (30 juni 1839-11 januari 1921), die medisch doctor was.
Hij is een zoon van dr. Frans Snellen en Agatha Petronella Messchaert.
Op 27 maart 1873 traden ze in Amsterdam in het huwelijk.
Ze zijn allebei overleden in Zeist.
vader:
Philips Reinhard (1821-1889)
Carlina Chiquita (18 mei 1954- ) (A)
Ze is geboren in de Oranjekliniek in Den Haag en kreeg als roepnaam Qita. Ze is getrouwd met Harm den Hollander.
kinderen:
1)Job Douwe Cornelis den Hollander (1989- ),
geb. in Vught.
vader:
Roland René (1932- )
Catharina Elisabeth ( 1751-17 februari 1831) (A)
Ze is gedoopt in Emlichheim op 13 juli 1751.
Uit het lidmatenboek van Emlichheim is het volgende ontleend.
28 augustus 1774: Catharina Elisabeth Hügenholtz vertrokken met attest naar Coevorden.
Op 16 juli 1777 trouwde ze in Coevorden met Hillebrand Nyhuis (10 januari 1745-11 januari 1802), die banketbakker in Hardenberg was. Deze is geboren in Heemse (NL) en overleden in Coevorden. Catharina Elisabeth is overleden in Coevorden, en aldaar begraven op 22 februari 1831.
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1725-1789)
Catharina Elisabeth (15 september 1760-21 oktober 1764)
vader:
Petrus Hermannus (1729-1811)
Catharina Elisabeth (28 mei 1765- 1813)
Ze trad in Delft op 19 november 1800 in het huwelijk met Johannes Wilhelmus Irhovenleeman ( 1767-5 augustus 1824). Haar echtgenoot was predikant in Wageningen. Hij is overleden in de Vuursche.
vader:
Petrus Hermannus (1728-1811)
Catharina Elisabeth (24 juli 1771-18 augustus 1833)
Ze is geboren in IJsselstein en trouwde in IJsselstein op 16
oktober 1800 met Samuel Willeumier (23 november 1767-21 december
1840). Hij is geboren in Amsterdam en overleed op ruim 73 jarige
leeftijd in Haarlem. Hij stamde uit een in Zwitserland wonend
hugenotengeslacht en was koster en gravenmaker van de Oosterkerk
in Haarlem. Hij is een zoon van Jan Willeumier (1721-
) en Johanna Adriana Hooykaas.
Zijn echtgenote overleed in Amsterdam en in de Oosterkerk in Amsterdam
was in 1928 de volgende grafsteen nog aanwezig:
Zij leven allen. C.E. Hugenholtz, echtgenote van S. Willeumier geb. te Ysselstein den 24 Julij 1771 overl. te Amsterdam den 18 augustus 1833. C.E. Willeumier oud 15 maanden 26-6 1839. Guilliam Willeumier Samuel Willeumier geb 29 april 1805 overl. 13 Dec. 1856.
Hieruit blijkt dat hun zoon Samuel en diens 2 kinderen hier ook begraven liggen.
kinderen:
1)Jan Pieter Willeumier (1802-1861), geb in Amsterdam
2)Elisabeth Catharina Willeumier (1803-1871), geb in Amsterdam
3)Samuel Willeumier (1805-1856), getrouwd met M.M.C. Hugenholtz
(1815-1884)
4)Johanna Adriana Willeumier (1806- )
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1724-1797)
Catharina Geertruida ( 1823- 1823)
vader:
Petrus Hermannus (1796-1871)
Catharina Geertruida (6 juli 1831-10 oktober 1908) (A,P)
Na de dood van haar stiefmoeder, in 1849, nam zij de huishouding over, totdat zij op 16 mei 1855 in Rotterdam in het huwelijk trad met Jacob Anthonie Cornelis Voorhoeve (6 januari 1821- ).
kinderen:
1)Hermannus Cornelis Voorhoeve geboren in Rotterdam 23 februari
1856
vader:
Petrus Hermannus (1796-1871)
Christiaan Gabriël Gerhard (21 maart 1996- )
Hij is geboren in het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam na een zwangerschap van bijna 28 weken. Hij is de (jongere) tweelingbroer van Alexander Daniël Gerhard.
vader:
Gerhard Willem Karel (1964- )
Cecile Henriëtte (21 november 1978- )
Ze is geboren in de Oranjekliniek in Den Haag en is niet gedoopt.
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1950- )
Carolina Henriëtte Gabriëlle (12 maart 1957- ) (A)
Ze is geboren in de Oranjekliniek in Den Haag.
vader:
Roland René (1932- )
Charles James (16 juni 1880-22 december 1933) (A)
Hij is geboren in Apeldoorn, waar hij op 16 juli 1909 trouwde met Anne Kristine Madsen (13 februari 1882-4 januari 1933). Ze is geboren in Yemmen (Denemarken) en een dochter van Jörgen Nissen en Ellen Hansen. Charles was directeur van N.V. Electriciteitsmaatschappij "de Berkelstreek". Hij overleed plotseling in Borculo, waar hij toen woonde waarna hij gecremeerd is op 27 december 1933 in Velzen.
kinderen:
1)Charles James Courtney (1915-1943)
2)Jörgen Christian (1916- )
3)Matthew Charles Hardess (1920- )
vader:
Johannes Bartholomeus (1837-1923)
Charles James Courtney (15 maart 1878-6 februari 1879) (A)
Hij is geboren en overleden in Apeldoorn.
vader:
Johannes Bartholomeus (1837-1923)
Charles James Courtney (23 maart 1915- 1943) (A)
Hij is geboren in Borculo.
Vanaf 1933 studeerde hij in Delft. Toen de 2e wereldoorlog uitbrak,
werd hij met J. van Blerkom één van de eerste leiders
van een verzetsorganisatie, in Delft, tegen de bezetter. Toen
er zich complicaties voordeden werd op een moment krachtdadig
ingrijpen noodzakelijk. De bekende kwestie "de Man"
was er het gevolg van.
DE MOORD TE DELFT
DELFT, 25 Aug.- Omtrent den moord op H. de Man te Delft,
vernemen wij nog, dat de verdachte C.J.C. Hugenholtz, toen hij
Zaterdagavond j.l. per fiets Voorburg verliet, in het bezit was
van een klein bruin koffertje. Voorts maakt de commissaris van
politie bekend aan hen, die meenen inlichtingen te kunnen verstrekken,
dat alle mededeelingen welke met den moord verband houden, door
hem vertrouwelijk zullen worden behandeld. Nader vernemen wij,
dat de verdachte J. van Blerkom Zaterdagmiddag j.l. nog in Rijswijk
(Z.H.) is gezien, alwaar hij in een bedrijf practisch werkt. Vermoedelijk
heeft hij gehoord, dat hij door de politie gezocht werd, waarna
hij de vlucht heeft genomen.
Vanaf dat moment maakte het gehele Duitse politie-apparaat jacht op beiden. Ze probeerden via Spanje naar Engeland te ontkomen. Bij Gibraltar aangekomen zouden ze met nog meer mensen die in de zelfde omstandigheden verkeerden vanaf een neutraal schip in zee springen, om dan door een geallieerd schip te worden opgepikt. Bij deze afspraak is hij te laat gesprongen, waardoor hij als enige niet werd opgepikt en is verdronken.
vader:
Charles James (1880-1933)
Charles James Courtney (13 december 1953- ) (A)
Hij is geboren in Djakarta en is een tweelingbroer van Joyce
Anna.
Op 17 maart 1979 trouwde hij in Tynemouth (GB) met Susan Reed.
kinderen:
1)Emma Charlotte (1985- )
vader Matthew Charles Hardess (1920- )
Clement Lambertus (14 juni 1833-31 juli 1834) (A)
Hij is geboren in Rotterdam en overleden in Rotterdam op de geboortedag van zijn broer Petrus Hermannus, waarvan de onderstaande advertentie getuigt:
Wij werden heden diep bedroefd door den dood van ons
jongste kind, CLEMENT LAMBERTUS, ruim dertien maanden oud, maar
ook ten zelfden dage verblijd door de spoedige bevalling mijner
geliefde Huisvrouw, C.C. van Affelen, van eenen welgeschapen ZOON.
Wij wenschen vast en levendig te gelooven, dat beide dit ten goede
en dit kwade uit Gods vaderhand ons toekwam en er hem in verheerlijke.
ROTTERDAM,
P.H. HUGENHOLTZ,
den 31sten Julij 1834.
Predikant.
vader:
Petrus Hermannus (1796-1871)
Catharina Petronella Suzanne (9 november 1795-26 december 1847) (A)
Ze is geboren in Middelburg.
Op 9 oktober 1817 ging ze in ondertrouw en op 23 oktober 1817
trad ze in Utrecht in het huwelijk met ds. Lucas Merens (5 juli
1795-9 augustus 1863), die predikant in Woudenberg was. Hij is
een zoon van Lucas Merens en Maria Elisabeth de Vicq.
vader:
Frederik Willem (1758-1808)
Catharina Petronella Suzanne(18 februari 1817-13 december 1865)(A)
Ze is geboren in Demerary en overleden in Den Haag.
Op 18 juni 1850 trouwde ze in Groningen met Jacobus Cornelius
Bloem (25 februari 1822-
). Hij is een zoon van Arend Bloem en Petronella Johanna Spelthaan.
Hij was minister van Financiën en geboren in Tilburg.
kinderen:
1)Jacob Willem Cornelis Bloem (1857- )
Na de dood van zijn echtgenote hertrouwde hij met Jeanette Constance Bik.
vader:
Nicolaas (ca 1788-1827)
Coenraad Rudolph Willem (22 oktober 1726- )
Hij is jong gestorven.
vader:
Petrus Conradus (1697-1726)
Carel Willem Philip (30 augustus 1765-4 november 1828) (A)
Hij is geboren en gedoopt in IJsselstein. Op 13 oktober 1794
ging hij in ondertrouw met Sara Suzanne de Vriese. Ze zijn peter
en meter van Sara Susanne Hugenholtz (1805-1857).
Hij was predikant in Doorn vanaf 14 oktober 1787 en in Zwartsluis
vanaf 4 december 1791.
ZWARTSLUIS, den 22sten juny. Heeden heeft onze geliefde
Leeraar Ds C.W.P. HUGENHOLTZ voor eene aanzienlyke Vergadering,
niet zonder wederzydsche aandoening een zegenend afscheid van
ons genomen met Handelingen XX:27. "Want ik hebbe niet achtergehouden,
dat ik U niet en zoude verkondigd hebben alle den raad Gods".
De verheerlijkte Kerkkoning vergezelle hem in zyne nieuwe Gemeente
en zorge ook voor de onze, die thans ten deel herderloos is.
(uit: Boekzaal der Geleerde Wereld, juli 1800)
Vanaf 13 juli 1801 stond hij in Hasselt. Hij vroeg wegens zwakheid emeritaat aan dat hem falvo honore verleend werd op 2 mei 1808. Hierop vertrok hij naar Kampen, waar hij 20 jaar later overleed.
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1724-1797)
David (20 September 1966-
)
Geboren in Auckland, NZ. Beroep: "Civil Engineer".
Getrouwd met Janice Rogers (1966-
) in
1984, gescheiden in 1995.
Kinderen:
1) Christopher (11 Dec. 1984-)
2) Elizabeth (16 Dec. 1988-)
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1924- )
Dirk Johan (19 maart 1941- )
Hij is getrouwd op 4 juli 1969 met Janneke Willie Stuve (9 februari 1943- ). Hij heeft een doctoraal in de economie en heeft van 1979 tot 1992 een "dairy farm" gehad in New Maryland (New Brunswick). Momenteel heeft hij een schoonmaakbedrijf.
kinderen:
1)Bastiaan maarten (1971- )
2)Michiel Adriaan (1973- )
3)Reinier Wouter (1975- )
vader:
Kornelius (1897-1962)
David Jacob (18 augustus 1973-29 mei 1993) (A)
Hij is geboren in Schiedam en overleden na een auto-ongeval in Mijas (Spanje).
vader:
Paul Theodoor (1903-1987)
Daniël Steven (12 januari 1971- ) (A)
vader:
Kornelius (1949- )
Elisabeth (1 maart 1898-21 oktober 1970) (A)
Ze is geboren in Bussum en is niet getrouwd geweest. Ze overleed in Driebergen en is gecremeerd in Velzen op 24 oktober 1970.
vader:
Paul Theodoor (1865-1939)
Elisabeth (8 juli 1899-15 december 1986) (A,P)
Ze is geboren in Zoelmond (gemeente Beusichem). In 1910 is ze met haar ouders vertrokken naar Den Haag. Hier werd ze verpleegster in het oude kinderziekenhuis en later kraamverpleegster. Ze woonde met haar broer aan de Bosschestraat 97 in Scheveningen. Een maand voor haar overlijden maakte zij kenbaar dat ze niet meer wilde leven. Ze is overleden in Den Haag en begraven in het familiegraf op de begraafplaats "Oud Eik en Duinen" in Den Haag op 19 december 1986.
vader:
Petrus Herman (1849-1926)
Esther (14 mei 1968- ) (A,P)
Ze is geboren in Bunschoten-Spakenburg (molenstraat 58). Momenteel is ze schoonheidsspecialiste in Soest.
Op 28 januari 1990 verloofde ze zich in Hoogland met Pieter Boudewijn (Pierre) van de Gijp (17 oktober 1966- ), een zoon van Jan van de Gijp en Atty van Drie. Op 12 september 1990 traden ze in Bunschoten-Spakenburg in het huwelijk. Het huwelijk werd kerkelijk ingezegend in de Hervormd-Gereformeerde Kerk in Hoogland door ds. J. van Drie, een oom van de bruidegom.
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1932- )
Elize ( - )
vader:
Harold Otmar Theobald (1934- )
Elizabeth (16 December 1988-
)
vader:
David (1966- )
Elisabeth Astrid (7 november 1958- ) (A)
Ze is geboren in Oegstgeest.
Ze is getrouwd met F. de Haan, socioloog.
kinderen:
1)Gijs, geboren in Leiden op 25 juni 1991.
vader:
Jan Benjamin (1928- )
Edwine Barbara (1 december 1955- ) (A)
Ze is geboren in Toronto.
vader:
Eduard Herman (1911- )
Elisabeth Catharina (ca 1623-21 februari 1710)
Ze werd 87 jaar oud.
vader:
naam onbekend (1587-1649)
Elisabeth Catharina (12 juni 1791-2 oktober 1867) (A)
Ze is getrouwd in Utrecht op 13 februari 1840 met Johan August Ploem (24 februari 1808-24 oktober 1882), die 1e luitenant bij de artillerie was.
vader:
Isaäc (1760-1830)
Elisabeth Catharina (10 november 1811-14 november 1811)
Ze is geboren in IJsselstein, waar ze werd gedoopt op 10 november 1811.
vader:
Johannes (1755-1816)
Elisabeth Cornelia (23 maart 1873- ) (A)
Ze is geboren in Zierikzee en trad op 18 april 1896 in East Las Vegas (New Mexico, Verenigde Staten) in het huwelijk met Ernst G. Van Leeuwen, die afkomstig was van Las Vegas Hot Springs (New Mexico).
kinderen:
1)naam onbekend (1897- )
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1839-1900)
Elisabeth Clara (22 juli 1892- )
vader:
Herman Petrus (1866- )
Emma Charlotte (20 oktober 1985- )
vader:
Charles James Courtney (1920- )
Elisabeth Charlotte Constance (24 oktober 1960- )
Ze woont in Arnhem.
vader:
Kornelius (1923-1991)
Esther Deborah (23 februari 1978- )
Woont in Spanje, en gaat vanaf 1997 Sociologie studeren.
vader:
Paul Theodoor (1903-1987)
Elberta Elisabeth Catharina (4 mei 1797-12 november 1881) (A)
Ze is getrouwd in Amsterdam op 14 april 1819 met Frederik Anton
Jöhr (
1798-19 januari 1869), Schout bij Nacht.
Ze overleed op 84 jarige leeftijd in Amsterdam.
kinderen:
1)dochter Jöhr (1827- ), geboren in Enserink
bij Vorden.
vader:
Fredericus Arnoldus Bernhardus (1755-1819)
Elisabeth Hillegonda (2 september 1852- ) (A,P)
Haar roepnaam is Betsy. Ze is getrouwd in Amsterdam op 29 mei 1873 met Petrus Goedkoop (15 februari 1848-20 januari 1912). Hij was de baas van de werf "Conrad" in Haarlem en een zoon van Dirk Goedkoop.
kinderen:
1)Philip Reinhard Goedkoop (1874- )
2)Piet Goedkoop (1877- )
3)zoon Goedkoop (1879-1879)
4)A.F.A. Goedkoop (1880- )
vader:
Philips Reinhard (1821-1889)
Eduard Herman (13 juli 1911- ) (A)
Hij is verloofd in juli 1938 en in ondertrouw gegaan in Hilversum
op 3 augustus 1939 met Addy M. P. van Prooye. Op 19 augustus 1939
zijn ze getrouwd.
Zijn roepnaam is Eddy.
kinderen:
1)Herman (1940- )
2)Marja (1943- )
3)Addy (1947- )
4)Edwine Barbara (1955- )
vader:
Petrus Hermannus (1872-1964)
Elisabeth Josine ( - 1701)
vader:
Petrus Bernhardus (1663-1736)
Esther Karina (26 mei 1960- ) (A)
Ze is geboren in Oegstgeest.
vader:
Jan Benjamin (1928- )
Emilie Louise (19 januari 1982- ) (A)
Ze is geboren in Naarden.
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1950- )
Erik Robbert Frederik (31 juni 1930- )
Hij heeft economie gestudeerd in Rotterdam en is nu bedrijfseconoom bij Philips.
werken: * Oorsprong van Goederen. Den Haag, 1980.
Hij is getrouwd met Hendrika L.L.M. van der Weide, een dochter van Pieter Theodorus van der Weide.
kinderen:
1)Norbert Pieter (1961- )
2)Harold Hubert Diederik (1963- )
3)Katrien Stephanie Irene (1965- )
Na zijn scheiding hertrouwde hij met Marjan A. Couvée.
vader:
Paul Theodoor (1903-1987)
Elisabeth Theodora Johanna Stella (27 juli 1829-1 mei 1886) (A)
Ze is geboren in Dokkum, waar ze trouwde op 4 september 1857 met Franciscus (Frans) Adriaan Jas. Haar roepnaam is Lina. Ze overleed op 56 jarige leeftijd in Amsterdam.
kinderen:
1)dochter Jas (1858- ), geboren in Amsterdam.
2)dochter Jas (1863- ), geboren in Amsterdam.
3)Catharina H.C. Jas (2 april 18.. -
), misschien gelijk aan 1) of 2)
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1790-1868)
Emma Victoria (9 juli 1914- ) (A)
Ze is geboren in Apeldoorn.
In december 1938 is ze in ondertrouw gegaan, waarna ze trouwde
op 5 januari 1939 met I.G. ten Sijthoff ( -3 december
1953). Momenteel woont ze in Blaricum.
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1884-1963)
Emma Victoria (4 april 1935- ) (A)
Ze is geboren in Goes en is lerares Engels.
vader:
Philippus Reinhard (1889-1980)
Frank (5 juli 1946-
) (A)
Hij is geboren in het gemeenteziekenhuis in Schiedam.
Op 19 december 1971 trouwde hij met Inoesjka van der Ploeg
(8 december 1946-
).
kinderen:
1)Olivier Joost (1975- )
2)Frodo Sjoerd (1976- )
vader:
Martinus (1916- )
Frederieke (14 januari 1967- ) (P)
Een familiefoto bevind zich in de map over haar vader. Zij heeft economie gestudeerd in Rotterdam. Getrouwd met Khalil Younis.
kinderen:
Rami Younis, geboren in Zeist op 2 januari 1997
vader:
Coenraad Albertus Jacobus (1937- )
Floor (8 maart 1986- )
Hij is geboren in Groningen.
vader:
Jeroen (1957- )
Fredericus Arnoldus Bernhardus (26 augustus 1755-9 september 1819)
Hij is gedoopt in IJsselstein op 27 augustus 1755.
Hij is een tweelingbroer van Johannes (1755-1816).
Op 9 juli 1789 trad hij in IJsselstein in het huwelijk, met Maria
Mertilda Cornelia ter Bruggen (29 maart 1765-
), weduwe van Jacob Anthony Omphal.
Deze is een dochter van dr. Isaäc ter Bruggen en Anna Catharina
Beyen. Ze is de jongste zuster van Elberta Elisabeth ter Bruggen
die getrouwd was met Henricus de Haan Hugenholtz (1758-1824).
Hij is overleden in Amsterdam.
kinderen:
1)Petrus Arnoldus Conradus (1790-1868)
2)Frederik Jacob Anthonie (1792-1832)
3)Johannes (1794-1830)
4)Elberta Elisabeth Catharina (1797-1881)
5)Johanna Clasina (1799-1799)
6)Isaäc Theodorus ter Bruggen (1801-1871)
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1724-1797)
Fredericus Arnoldus Bernhardus (7 augustus 1798- 28 januari 1802)
Hij is geboren in IJsselstein, waar hij gedoopt is op 15 augustus 1798.
vader:
Johannes (1755-1816)
Fredericus Arnoldus Bernhardus (4 september 1819- 11 januari 1830) (A)
Hij is overleden in Dokkum. Hierover gaat de volgende advertentie:
Een onzer zes lievelingen, de oudste van onze beide zonen,
uitmakende door vlugheid en leerzaamheid, een Kind van grote verwachtingen,
werd in den afgelopen nacht door eene korte doch zeer hevige ziekte
zeer onverwacht aan onze zorgen onttrokken en in volmaakter school
overgebracht, hij had slechts den ouderdom van ruim 10 jaren bereikt.
DOKKUM,
P.A.C. HUGENHOLTZ,
den 11den januarij
G. HUGENHOLTZ,
1830.
Geb. BRUINIER.
Notaris W.E. Hijink schreef in 1894 dat F.A.B. Hugenholtz, geboren in 1819, volgens zijn vrouw, Guillette Hugenholtz (1857- ) dat FAB Hugenholtz verdronken was in een vijver in 1830. Volgens de advertentie is hij overleden als gevolg van een hevige ziekte.
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1790-1868)
Fredericus Arnoldus Bernhardus (14 september 1820-11 juni 1876) (A,P)
Hij is geboren in Amsterdam. Op 27 april 1853 trad hij in Rotterdam
in het huwelijk met Elisabeth Maria van Leeuwen (6 maart 1826-20
november 1909). Ze is een dochter van Jan Jacob van Leeuwen en
Neeltje van der Lee.
Hij was directeur van de maatschappij "Recht door Zee".
Hij overleed in Oakland, San Francisco (Verenigde Staten).
kinderen:
1)Hendrika (1860-1892)
2)Isaäc Theodorus ter Bruggen (1869-1943)
vader:
Johannes (1794-1830)
Frederik Jacob Anthonie (4 januari 1792-12 september 1832) (A)
Hij is geboren in Amsterdam. Hij was luitenant ter zee 1e klas.
Hij is getrouwd in Selsham (bij Vorden) op 13 januari 1824 met
Alberta Stoffelina (Lina) Geertruida Bruinier (21 oktober 1798-
1857) in huize Selsham. Ze is een dochter van ds. Jan Hendrik
Bruinier en Johanna Albertha Maeten. Over zijn overlijden is de
volgende advertentie opgesteld:
Den 12den september 1832, is op de terugreis uit Oost-
Indië, in den ouderdom van 40 jaren kalm en gelaten overleden,
mijn dierbare echtgenoot, de Wel-Ed. Gestr. Heer F.J.A. Hugenholtz,
Ridder der Militaire Willemsorde. Eerste en alstoen commanderend
Officier van Z.M. Corvet Pollux. Zijn dood stort mij, die achterblijft
met drie zeer jonge kinderen, in de diepste smart, waarin alle
Betrekkingen van den geliefden overledenen deelen, en wordt door
allen, die de verdiensten van den bekwamen en onversaagden zeeheld
kenden, beschouwd als een verlies voor het Vaderland.
A.S.G. BRUINIER,
Wed. Hugenholtz.
SELSHAM, bij
Zutphen, den 31sten October 1832.
kinderen:
1)Jan Albert Hendrik (1825-1874)
2)Petrus Arnoldus Conradus (1828-1903)
3)Jacoba Stoffelina (ca 1830-1861)
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1755-1819)
Frederik Jacob Anthonie (27 april 1824-4 september 1878) (A)
Hij is geboren in Vorden. Hij was landbouwer, en woonde in
Vorden en in Winterwijk, waar hij overleed.
Op 3 augustus 1848 trad hij in Winterswijk ("huize Waliën")
in het huwelijk met Anna Aletta Tenkinck. Ze is een dochter van
Jan Tenkinck, koopman en Hendrika Gezina ten Bokkel Huinink.
kinderen:
1)Hendrika Gesina Guilletta (1849-ná 1912)
2)Johanna Hendrika (1854-1880)
3)Guilletta (1857- )
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1790-1868)
Frederik Jacob Anthonie (3 juni 1870- ná 1907) (A)
Hij is geboren in Haarlem en getrouwd in Den Haag op 2 april 1898 met Anna Petronella Maria Escher ( -23 januari 1907), die weduwe was van H. van Broekhuijzen.
vader:
Jan Albert Hendrik (1825-1874)
Frederik Lodewijk ( 1721- 1724)
vader:
Petrus Conradus (1697-1726)
Françoise Louise (6 juni 1882-16 september 1893) (A)
Ze is overleden in Hillside, Wisconsin (Verenigde Staten).
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1868-1924)
Frodo Sjoerd (18 juli 1976- )
Hij is geboren in Groningen.
vader:
Frank (1946- )
Frieda Vera (9 juli 1906- ) (A)
Ze is geboren in Gent en kreeg als roepnaam "Vera".
Op 2 juni 1935 verloofde ze zich met Marcel van Tittelboom.
Ze had een bloemenwinkel in Brussel.
vader:
Herman Pieter (1869-1928)
Friedrich Wilhelm ( augustus 1693-7 maart 1730) (A,P)
Hij is geboren in de "Freiheit" Wetter a/d Ruhr.
Vanaf 28 april 1714 studeerde hij aan de "Hochschule"
in Herborn, waarna hij in 1718 de eerste protestantse predikant
in Iserlohn werd. Op 27 juli 1721 vertrok hij naar Schüttorf.
Hij ging in ondertrouw op 29 maart 1722 en hij trouwde in Nordhorn
in april 1722 met Catharina Elisabeth Stühlen (
1688-18 maart 1767). Ze is een dochter van Johannes Stühlen,
de burgemeester van Nordhorn.
Mijn grootmoeder Hugenholtz-Lehmkuhl vertelde mij omstreeks 1976
dat hij was overleden ten gevolge van tuberculose "de tering".
Hij is begraven in Schüttorf op 15 maart 1730.
kinderen:
1)Anna Catharina (1723-1796)
2)Johannes Bernhardus Theodorus (1725-1789)
3)Petrus Hermannus (1728-1811)
vader:
Petrus Bernhardus (1663-1736)
Frederik Willem (11 september 1754-12 oktober 1812) (A)
Hij is geboren in Emlichheim, waar hij op 15 september 1754
gedoopt is.
Vanaf 14 september 1773 studeerde hij Theologie aan de universiteit
van Groningen. In het lidmatenboek van Emlichheim is het volgende
over hem te vinden:
Tot dit jaar 1780 behoort dat F.W. Hugenholtz, student in de H. Godgeleerdheid met attest van Groningen tot ons is overgekomen.
Op 15 september 1790 werd hij in Gasselternijeveen bevestigd als predikant.
Na zijne studiën volbragt te hebben, werd hij onze
Leeraar in het jaar 1790. Zijn Eerw. verkondigde ons dus het woord
van God, den tyd van 22 jaren, en bezweek eindelijk onverwacht
onder eene borstkwaal, die hem reeds lang verzwakt had, op den
12den October j.l. in den ouderdom van 58 jaren en eene maand.
Zijn Vriend en Nabuur Ds A.J. HARTMAN, Pred. te Gasselte, deed
op den 25sten dier maand, de lijkrede.
(uit: Boekzaal der Geleerde Wereld, november 1812)
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1725-1789)
Frederik Willem (9 juli 1758-24 augustus 1808) (A,P)
Hij is geboren in Hellevoetsluis.
Hij op 25 augustus 1782 door zijn vader bevestigd in Wassenaar.
In Kampen was hij predikant vanaf 8 november 1789 en in Middelburg
vanaf 25 mei 1794. Hij is in ondertrouw gegaan in Amsterdam op
13 mei 1785 en vervolgens getrouwd met Rissina van der Riet (1754-11
november 1806). Ze hadden 4 kinderen.
Zijn echtgenote overleed in Middelburg. Van haar overlijden is
de volgende advertentie teruggevonden.
Heden overleed, in den ouderdom van ruim 52 en een half
jaar, aan een schielijk verval van kragten, mijne waarde Huisvrouw,
RISSINA VAN DER RIET.
Elk, die haar in hare waarde gekend heeft, zal gevoelen,
wat ik en mijne drie kinderen, verliezen! dan, zy heeft haren
loop voleindigt! en wy zien haar na, als die ingegaan is in vrede,
nu rust op hare slaapstede, als die in hare oprechtheid voor God
en Menschen gewandeld heeft.
Ik houd my verzekerd van de deelneming myner vrienden, zonder
dat brieven van rouwbeklag my hiervan nader overtuigen.
MIDDELBURG,
F.W. HUGENHOLTZ
Den 11 november
1806.
Predikant.
Twee jaar na zijn echtgenote stierf hij zelf ook in Middelburg.
MIDDELBURG den 24sten Aug. 1808. Heden werden wij in
grootsten rouw gedompeld. Eén onzer geliefde Leeraars,
F.W. HUGENHOLTZ werd op 't onverwachtst door den dood van ons
weggenomen. Sedert den jare 1794 hebben wij hemin onzen dienst
gekregen en bevonden te zijn een man van grondige kunde in al
de dingen die 't Koninkrijk Gods aangaan, een opregt liefhebber
van waarheid en Godsvrucht, vol ijver en onvermoeid werkzaam in
den dienst van zijnen Heer, en zijn geheel karakter en wandel
beminnelijk en voorbeeldig. Hij was ons uit hoofde van dit alles
zeer dierbaar geworden en wij streelden ons met de hoop, om hem
nog geruimen tijd te genieten, want hij was gezond en niet meer
dan 50 jaren oud, maar hij had den raad zijnes Heere uitgediend,
en bezweek op 't onverwachts onder 't geweld van eene koorts,
die met den eersten niets deed vrezen. Zijne gedachtenis is en
blijve onder ons nog lang in zegeninge en de geest des vaders
dale en ruste op zijne drie bij ons achtergelatene ouderlooze
kinderen.
(uit: Boekzaal der Geleerde Wereld, 1808)
In het gemeentemuseum van Middelburg bevind zich een portret van hem.
kinderen:
1)Petrus Hermannus (1786-1820)
2)Nicolaas (ca 1788-1827)
3)Hendrik ( - )
4)Catharina Petronella Suzanne (1795-1847)
5)Maria ( - )
vader:
Petrus Hermannus (1728-1811)
Ferdinandus Walther (9 april 1905- )
Hij is geboren in Gent en had als roepnaam "Wally".
Hij had een antiquariaat in Melle (bij Gent in België). Hij
was getrouwd met een oudere vrouw. Volgens mevr. E.V. Smit-le
Coultre had hij geen kinderen toen ze hem na de oorlog bezocht
had.
vader:
Herman Pieter (1869-1928)
Frederik Willem Nicolaas ( 1824-12 april 1828) (A)
Over hem is de volgende advertentie verschenen:
Heden verloren wij aan het huis onze ouders, waar wij
eenige dagen doorbragten, ons jongste kind, FREDERIK WILLEM NICOLAAS,
in den ouderdom van drie en een half jaar. Diep gevoelt ons ouderlijk
deze nieuwe wond, maar, in geloof aan Gods wijze liefde, wenschen
wij zijnen wil kinderlijk te eerbiedigen.
P.H. HUGENHOLTZ, predikant.
C.C. HUGENHOLTZ, Geb. van AFFELEN.
Utrecht, Den
12 april 1828.
vader:
Petrus Hermannus (1796-1871)
Frederik Willem Nicolaas (1 augustus 1839-17 februari 1900) (A,P)
Hij is geboren in Rotterdam.
Vanaf 24 september 1857 staat hij ingeschreven als student in
Leiden, waarna hij in september 1862 werd toegelaten tot de evangelische
bediening door het provinciaal kerkbestuur van Noord-Holland.
Hij is getrouwd in Den Haag op 28 januari 1863 met Hendrika Cecilia
Francina van Gogh (11 april 1838-2 mei 1916). Ze is een dochter
van Bastiaan van Gogh en Jacoba Knappert.
Op 15 februari 1863 werd hij in Delden bevestigd door zijn broer
P.R. Hugenholtz (1821-1889) (met 2 Corinthe V: 20b; intrede met
Hebreeën X: 9a). Hij nam afscheid van Delden op 10 november
1867 (met 1 Thessalonicenzen V: 8). Zijn tweede gemeente werd
Zierikzee waar hij op 24 november 1867 bevestigd werd door ds.
E.C. Jungius, predikant aldaar (met Jeremia I: 9b; intrede met
2 Corinthe IV: 13b.
Zijn derde standplaats werd Santpoort, waarheen hij om gezondheidsredenen
een beroep had aangenomen. In Santpoort had hij eindelijk wat
vrije tijd, zodat hij de redactie van het blad "de Hervorming"
op zich kon nemen. Ook was hij lid van de commissie voor de liederenbundel
van de protestantse bond, waarin ook liederen van hemzelf zijn
opgenomen. Hij ging over op de moderne richting, toen de toestand
in de N.H. kerk hem niet meer aanstond. Hij was een overtuigd
strijder voor het recht van het vrijzinnig Christendom; als zodanig
verzette hij zich tegen de orthodoxie. Toch vond hij dat het modernisme
de orthodoxie ook in zijn waarde moest laten.
Nadat de synode van de N.H. kerk uitdrukkelijk had geweigerd aan
de proponentsformule, waarop hij tot de evangeliebediening werd
toegelaten, het confessionele karakter te ontnemen, verklaarde
hij dat hij zich ontslagen achtte van alles wat confessioneel
was aan deze formule. Deze verklaring van Hugenholtz werd terzijde
gelegd, zonder dat er maatregelen tegen hem genomen werden. Al
direct zette hij zich in voor sociale behoeften. Zo stichtte hij
in Delden een bewaarschool en richtte hij de stichting van werkmanswoningen
in Zierikzee op. Van tijd tot tijd toonde hij sympathie voor het
socialisme, wat voor hem zeker geen afwijzing betekend van de
godsdienst. Toen hij door professor Kuenen gevraagd werd om de
Vrije Gemeente in Grand Rapids te leiden hoefde hij niet lang
na te denken en vertrok enige tijd later (op 14 november 1885)
met stoomschip "Leerdam" naar de Verenigde Staten.
Met opgewektheid en geestdrift aanvaardde hij zijn nieuwe opdracht.
De kleine gemeente breidde zich snel uit en op 22 december 1886
konden ze een nieuw eenvoudig houten gebouw in gebruik nemen.
In Grand Rapids was hij directeur van het Stedelijk Armenwezen
(Master of the Poor). Bij een tot dusver ongekende toestand van
werkloosheid in Grand Rapids schonk hij de helft van zijn toch
al niet hoge traktement weg aan de gemeente, om onder de arme
gemeenteleden te verdelen. Ook organiseerde hij een tentoonstelling
met verloting, waardoor de grond werd gelegd voor de zgn "Labour
Exchange", een poging om door terugkeer tot eenvoudige ruiling
van arbeidsproduct tegen arbeidsproduct, waarbij als ruilmiddel
alleen "bewijzen van arbeid" gebruikt werden, de arbeiders
onafhankelijk te maken van de wisselvalligheid en de stagnaties
van de markt en van het tegenwoordige ruilmiddel: goud en zilver.
Hoewel op den duur onhoudbaar gebleken, zegt deze poging van Hugenholtz
wel iets over zijn inzet en energie.
Lange tijd was hij hoofdredacteur van "de Stemmen",
terwijl hij van 1886 tot 1890 tevens de uitgever van het blad
was. Zijn zoon P.T. Hugenholtz (1865-1939) kreeg de administratie
in handen. Het blad was het orgaan van de kerkelijk vrijzinnige
Nederlanders, die in Grand Rapids georganiseerd waren in de Vrije
Hollandse Gemeente. Aan het eind van 1889 telde de gemeente 316
leden. Ze werden gesteund door de Unitarians in Amerika en erkend
als een buitenlandse afdeling van de Nederlandse Protestantenbond.
De Vrije Gemeente had geestverwanten zowel in Kalamazoo als in
Chicago, waar in 1889 een zelfstandige gemeente tot stand kwam,
met aan het eind van het jaar 60 leden. Vandaar dat "de Stemmen"
in 1890 verscheen als "Stemmen uit de vrije Hollandse Gemeenten
in Amerika", onder redactie van Hugenholtz, maar nu uitgegeven
door de gemeente in Grand Rapids. In het blad stonden ondermeer
belangrijke gegevens over de maatschappelijke situatie van de
arbeiders. De onverdraagzaamheid van de orthodoxen werd in het
blad scherp gehekeld.
De Nederlandse arbeiders in Amerika golden lange tijd, doordat
ze bereid waren tegen zeer lage lonen te werken, in het oog van
de Amerikaanse arbeiders als onderkruipers die de lonen drukten.
In het oog van de meer gegoeden waren ze gemakkelijk te exploiteren
arbeidsvee omdat ze toch niet gingen staken: daar zorgden desnoods
de predikanten wel voor! En zo werd in Grand Rapids -en misschien
wel elders- geen volk meer uitgebuit dan het Nederlandse. En door
wie? Door reeds eerder in het land gevestigde, rijk geworden Hollandse
Amerikanen. "Rijk geworden door geweetenlooze exploitatie
hunner eenvoudige landslieden" verklaarde R.P.J. Tutein Nolthenius
en dat op een wijze, die onder de Amerikanen medelijden met de
"klompenmannetjes" en diepe minachting voor hun exploitanten
deed ontstaan. Vooral ds. Hugenholtz heeft zijn best gedaan in
deze toestanden verandering te brengen en de arbeider zich meer
bewust te doen worden.
In 1899 bedroegen de lonen in Grand Rapids 75 cent per dag: een
loon waarvoor geen Amerikaan wilde werken, maar wel de Nederlanders,
die als "Non-Union men" overal in de door Amerikanen
verlaten plaatsen slopen. Vooral toen deze laatsten een 8 urige
werkdag eisten en de Nederlanders weigerden daarvoor te strijden
en te staken, althans het calvinistische gedeelte, dat door de
kerk, die als politie optrad, in toom gehouden werd. Dat het medelijden
hierdoor overging in minachting en verbittering ligt voor de hand.
Hugenholtz ergerde zich aan de Nederlandse insluipers, "waardoor
onze stamgenoten nog meer dalen in de algemeene achting, nog meer
door den Amerikaanse werkman worden getrapt en gescholden en de
achting voor zichzelf verliezen erbij". Hij riep de orthodoxen
toe met de woorden: "In het Godsrijk zoekt niemand zijn eigen
brood meer in zijn broeders dood".
De oprichting van een vereniging van Hollandse fabrieksarbeiders
in 1890, die een afdeling van "the Furniture Workers Protective
Association" zou moeten worden vond hij een "verblijdend
teken".
Tengevolge van de toenemende werkloosheid en de daarmee gepaard
gaande maatschappelijke malaise werd de aanvankelijke bloei van
de gemeente verstoord en begon het bezoek terug te lopen. Hugenholtz'
veerkracht, opgewektheid en godsdienstig optimisme hielden hem
staande temidden van talrijke teleurstellingen en bezwaren, die
hij vooral in zijn laatste levensjaren te verwerken kreeg.
Een paar jaar voor zijn dood werkte hij mee aan het in Chicago
gehouden "Parlement der Godsdiensten". De artikelen
die hij daarover schreef in de Nieuwe Rotterdamsche Courant en
later in boekvorm bij Nijgh en Ditmar (in Rotterdam) verschenen,
trokken de aandacht en werden meerdere malen herdrukt.
werken: * Een schets uit het kerkelijk leven onzer dagen (1879).
* De weg waarlangs
God ons leidde (1888).
* Herdenkingsprediking
in Grand Rapids.
* Het Parlement der
Godsdiensten (1894).
Op 14 oktober 1900 werd een gedenksteen tot zijn nagedachtenis
ingewijd in het gebouw van de "Vrije Gemeente" in Amsterdam,
waaraan hij nog enkele jaren als godsdienstleraar verbonden is
geweest.
Zijn zoon F.W.N. Hugenholtz sprak bij de inwijding de volgende
woorden:
Een lange slanke gestalte, met dat hooge blanke voorhoofd, met die zachte lichtbruine oogen, waaruit zulk een wereld van liefde en toewijding sprak, met dien warmen handdruk, met dien jeugdigen, veerkrachtigen tred, met dien eigenaardigen, smakelijken, gulle lach, die over zijn gelaat kon uitbreken, waarbij heel zijn lichaam tot aan zijn schouders incluis, meelachten.
De Vrije Gemeente in Amerika is later opgegaan in de American Unitarian Church.
kinderen:
1)Hillegonda Cornelia (1863- )
2)Paul Theodoor (1865-1939)
3)Herman Petrus (1866- )
4)Frederik Willem Nicolaas (1868-1924)
5)Jacoba (1871-1874)
6)Elisabeth Cornelia (1873- )
7)Henriëtte Maria (1879- )
vader:
Petrus Hermannus (1796-1871)
Frederik Willem Nicolaas (24 juni 1868-13 mei 1924) (A,P)
Hij is geboren in Zierikzee. Op 8 november werd hij als student in Leiden ingeschreven. Zonder radicaal vertrok hij uit Leiden, om zijn studie bij de Unitarians in Verenigde Staten voort te zetten. Over zijn afstuderen verscheen de volgende advertentie in "Stemmen uit de Vrije Hollandse Gemeente", juli 1889.
mr. FWN Hugenholtz Jr., die te Meadville, Pa., gradueerde en den titel van "Bachelor of divinity" verkreeg, gebruikt zijn vacantie voor een reisje naar het oude vaderland, om daar zijn studiën met oktober aan de Harvard University voort te zetten.
Na in Harvard University (Mass.) het radicaal van theologisch
doctor behaald te hebben, trachtte hij een kerkelijke gemeente
op te richten in een plaatsje waar veel Groningse en Friese boeren
gevestigd waren, maar zijn pogingen mislukten door hun onverschilligheid.
Elders had hij wel succes en zo kwam hij een tijd lang aan het
hoofd te staan van een eigen Nederlandse kerkelijke gemeente in
Muskegan (Michigan), die zich snel uitbreidde.
Op 6 juni 1891 trouwde hij in Arnhem met Magdalena Zeeven (1 november
1870-17 maart 1943). Ze is geboren in Arnhem en een dochter van
Remko Zeeven en Maria Middel.
In 1895 ging hij in op de uitnodiging van de afdeling Schiedam
van de Nederlandse Protestantenbond om als voorganger op te treden.
De eerste jaren in Schiedam brachten een opbloei van de vrijzinnige
kring mee. Er kwam een uitstekend gemeenteblaadje, "Onze
Kring", dat ook elders in Nederland gelezen werd. De jonge
vrijzinnige en liberale predikant was een uitstekend spreker en
schrijver. In Schiedam ijverde hij voor een vrijzinnig godsdienstig
socialisme. Hoe hij zich dat voorstelde is door hem uiteengezet
in een briefwisseling met een vriend in het orgaan "Onze
Kring". Schiedam was een stad met ellendige arbeidstoestanden
en hij had zijn ogen open. Zijn voorganger, de bekende François
Haverschmidt (Piet Paaltjens), was al tegen deze ellende opgelopen,
maar had zich machteloos gevoeld. Wat hij zich voorstelde was
een arbeiderskerk, die een eenheid zou prediken van arbeid en
geloof. Die kerk zou er naar zijn inzicht komen voor de godsdienst
zelf.
De "Kring" was in theorie heel radicaal, maar in de
praktijk conformerend. Het duurde dan ook niet lang of hij kreeg
botsingen met zijn bestuur en de vooraanstaande gemeenteleden.
Hij ging zich steeds meer op het pad van het socialisme begeven.
Het lukte hem echter niet om de arbeiders in de kerk te krijgen.
Hierdoor kwam hij langzaam maar zeker tot de conclusie dat hij,
wilde hij de arbeiders tot heil zijn, hij zijn werkterrein moest
verleggen en niet als predikant, maar als gewoon propagandist
op moest treden. In "Onze kring" werd steeds minder
gesproken over godsdienst en steeds meer over sociaal economische
problemen. Hij ging zich steeds meer schamen voor het preken waar
niets op volgde en ging de kerk zien als een sta in de weg, een
onnut lichaam, dat zijn tijd had gehad. De stichtelijkheid die
hij zelf had bevordert, ging hij als huichelarij wantrouwen.
Ter gelegenheid van de troonsbestijging van H.M. Koningin Wilhelmina
weigerde hij als voorganger van zijn Schiedamse kring een toepasselijke
rede te houden en stelde hij voor een andere spreker uit te nodigen.
Toen men echter bleef aandringen, voldeed hij toch maar aan hun
verzoek. Deze rede hield hij echter zonder ook maar de geringste
enthousiasme, wat hem door veel mensen hoogst kwalijk genomen
werd. Op de zelfde avond van de feestdag had hij aan een sterfbed
in een Schiedamse arbeiderswijk een ontmoeting, waarover hij in
"Onze Kring" een artikel schreef. Dit artikel deed bij
veel mensen de maat overlopen en op 1 mei 1899 diende hij zijn
ontslag in. Op een kort daarna gehouden ledenvergadering werd
met applaus een motie aangenomen, waarin hem dringend verzocht
werd om zijn ontslag in te trekken. Hij liet zich in eerst instantie
overhalen hierop terug te komen., maar hij zag dat men hem meer
als "mooi spreker" dan als strijder in dienst van de
arbeidersbeweging wilde hebben en trok de consequentie.
Na zijn aftreden in 1899 werd hij lid van de SDAP , waar hij niet
met enthousiasme werd begroet. Dit kwam doordat socialisten een
klassestrijd voerden. Iemand uit de andere klasse kon dus onmogelijk
een goede socialist zijn. Hij vestigde zich in Haarlem en werd
daar in 1901 lid van de raad. Tegelijk was hij agent van een verzekeringsmaatschappij
en 1e voorzitter van het Haarlemse Arbeidssecretariaat.
In 1901 werd hij met steun van Geert-Lourens van der Zwaag als
kamerlid voor West-Stellingwerf gekozen. Dit district heeft hij
vertegenwoordigd tot de afschaffing van het districtenstelsel
in 1917. Ook daarna is hij tot zijn dood lid van de IIe kamer
gebleven.
Tijdens de grote spoorwegstaking van 1903 was hij stationschef.
In verband hiermee heeft hij zelfs een maand achter de tralies
moeten doorbrengen.
Hij kwam tenslotte tot de overtuiging dat christendom en socialisme
identiek waren. Het was nodig dat er een klassestrijd gevochten
werd en dat de arbeiders de macht in handen kregen. Later kon
er, volgens hem, over godsdienst worden gesproken.
Als kamerlid heeft hij zijn mannetje gestaan. Hij hield altijd,
in keurig kostuum, krachtige doorwrochte redevoeringen waarna
moest worden geluisterd. De confessionelen hadden echter een grote
hekel aan hem. Wat men de arbeiders kon vergeven kon men deze
ex-dominee, die zijn klasse had verraden en de kerk bestreed,
niet vergeven.
Toen Kuyper eens een magistrale redevoering had gehouden schalde
de stem van Hugenholtz door de kamer:"Wat een huichelaar".
Bij de lintjesaffaire (1909) zei Kuyper:"Het boetekleed ontsiert
de mens niet". Waarop Hugenholtz de opmerking plaatste: "Maar
men hoeft er zich ook niet op te laten voorstaan".
In de loop der tijd ging hij alle godsdienstigen als potentiële
huichelaars zien, die wel vrome dingen zeiden, maar er niet naar
leefden.
Hij kreeg in de kamer vooral militaire zaken te behandelen en
hij zette zich erg in voor justitie en de reclassering. Zo was
hij lid o.a. van het Algemene College van Toezicht, bijstand en
advies voor rijkstucht en advies- en opvoedingswezen.
werken: * Een uiteenzetting van het hedendaagse socialisme.
Amsterdam,
1911.
* Het verband tussen
kiesrecht en wetgeving.
Amsterdam,
1911.
* Een schets uit het
kerkelijk leven onzer dagen.
* Het militarisme in
de tweede kamer. Amsterdam, 1913.
De laatste jaren van zijn leven woonde hij vanwege zijn gezondheid met zijn gezin in Leersum. Hij overleed tenslotte in de Rijksklinieken in Utrecht. Op 17 mei vond de begrafenis plaats op de Algemene Begraafplaats in Utrecht.
kinderen:
1)Françoise Louise (1892-1893)
2)Frederik Willem Nicolaas (1895-1975)
3)Kornelius (1897-1962)
4)Magdalena (1903- )
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1839-1900)
Frederik Willem Nicolaas (20 juli 1875-1 september 1875)
Zijn moeder is een dag na de bevalling overleden.
vader:
Johannes Bartholomeus (1873-1923)
Frederik Willem Nicolaas (14 augustus 1884-26 juni 1963) (A)
Hij is geboren in Apeldoorn.
Hij was directeur van de N.V. Steenkolenhandel , die voorheen
Hugenholtz & Co heette. Tevens was hij secretaris ontvanger
van het polderdistrict "Veluwe".
Op 10 augustus 1910 trouwde hij in Apeldoorn met Johanna Vrolijk
(17 mei 1886-16 juli 1971). Ze is een dochter van Johannes Martinus
Vrolijk en Maria Kruyt.
kinderen:
1)Anna Maria (1911- )
2)Emma Victoria (1914- )
3)Ada Charlotte (1920- )
vader:
Johannes Bartholomeus (1837-1923)
Frits Willem Nicolaas (8 maart 1891-6 april 1965) (A,P)
Hij is geboren in Grand Rapids en overleden in het academisch
ziekenhuis in Utrecht.
Op 18 januari 1921 trouwde hij in Bandung met Elisabeth (Lize)
Maria Klatte (7 september 1895-14 februari 1972). Ze is een dochter
van Stephan Christoph Klatte en L. Hauschildt. Tijdens de 2e Wereldoorlog
zat hij gevangen in een Japans concentratiekamp in Nederlands
Oost-Indië, terwijl zijn gezin in de oorlog in Hilversum
woonde.
In Kediri ligt een graf dat volgens mij toebehoord aan hun doodgeboren
kind, dat in 1926 geboren werd.
kinderen:
1)Alida Louise (1922- )
2)Johan Frederik (1923- )
3)Marie Louise (1930-1987)
4)Frederik Willem Nicolaas (1932-1952)
vader:
Paul Theodoor (1865-1939)
Frederik Willem Nicolaas (19 februari 1895-30 december 1975) (A)
Hij is geboren in Hillside, Wisconsin (USA).
Hij heeft gewoond in Wormerveer, Oostwold vanaf 1925 en Oegstgeest.
Hij volgde gymnasium B in Den Haag en Haarlem.
Op 21 april 1921 trouwde hij in Leiden met Maria Sleyser (15 september
1895-8 april 1992), een dochter van Nicolaas Marinus Sleyser en
Maria van der Reyden.
Hij was arts in Oegstgeest, waar hij tevens ereburger was.
Hier overleed hij op ruim 80 jarige leeftijd.
kinderen:
1)Frederik Willem Nicolaas (1922- )
2)Nicolaas Marinus (1924- )
3)Jan Benjamin (1928- )
4)Petrus Hermannus (1929- )
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1868-1924)
Frederik Willem Nicolaas (18 maart 1922- ) (A,P)
Hij is geboren in Wormerveer en trouwde in Amsterdam op 1 juli
1947 met Anna Sleyser.
Vanaf 1948 tot 1950 was hij assistent en hoofdassistent bij de
algemene geschiedenis aan de Leidse universiteit. In 1949 promoveerde
hij tot doctor in de letteren en wijsbegeerte (cum laude) op het
proefschrift: "Drie boerenopstanden in de veertiende eeuw".
Een jaar later werd hij lector in de mediaevistiek in Leiden.
Bij Koninklijk Besluit is hij benoemd tot buitengewoon hoogleraar
van de faculteit letteren en wijsbegeerte, om onderwijs te geven
in de vaderlandse en algemene geschiedenis van de middeleeuwen
en gelijktijdig eervol ontslagen als lector aan de Rijksuniversiteit
in Leiden. De benoeming zou ingaan op de dag dat hij zijn ambt
zal aanvaarden tot en met 20 september 1959.
Met ingang van 21 september 1959 werd hij benoemd tot gewoon hoogleraar
in de letteren en wijsbegeerte aan de Rijksuniversiteit in Utrecht.
werken: * Drie boerenopstanden in de veertiende eeuw. Haarlem,
1949.
* Ridderkrijg en Burgervrede, West-Europa aan de vooravond
van de honderdjarige oorlog. Haarlem, 1959.
* Floris V. Bussum, 19..
* Floris V: vermoord en getekend (bewerking van de laatste
drie hoofdstukken van Floris V)
* Middeleeuwen, tussen Erasmus en heden. Amsterdam, 1986.
kinderen:
1)Frederik Willem Nicolaas (1948- )
2)Marianne (1950- )
3)Henriëtte Johanna Maria (1952- )
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1895-1975)
Frederik Willem Nicolaas (7 oktober 1924- ) (A)
Hij is geboren in Soerabaya, en woonde daar tot zijn 6e jaar
(1930). Daarna verhuisde hij naar Nederland
Hij heeft meegevochten in de 2e wereldoorlog en in de Indonesische
onafhankelijkheidsoorlog. Getrouwd met Paula ?? (geboren? -) in
1955, Geëmigreerd naar Auckland, New Zeeland omstreeks 1956,
waar hij een "construction company" begon. Hij scheidde
van zijn echtgenote in 1965 (er waren geen kinderen uit dit huwelijk).
Hij hertrouwde met de verpleegster Molly Leonora Telford (15 Januari
1930 -
) in 1966. In 1980 emigreerde hij met familie naar Brisbane, Australië.
Kinderen:
1) David (1966- )
2) Philip (1967- )
3) Juli Jocelyn (1970- )
vader:
Kornelius (1897-1962)
Frederik Willem Nicolaas (21 december 1932-19 augustus 1952) (A,P)
Hij is geboren in Modjokerto
Hij heeft een jaar mijnbouwkunde gestudeerd in Leiden en was zeer
actief in het Leidse studentenleven. Zo was hij onder andere een
zéér fanatiek roeier. In een kolenmijn in Zuid-Limburg
liep hij polio op. Hij heeft nog twee dagen aan een ijzeren long
gelegen, maar is een week later aan de ziekte bezweken.
vader:
Frits Willem Nicolaas (1891-1965)
Frederik Willem Nicolaas (15 oktober 1936-3 april 1996) (A)
Hij is geboren in Goes en heeft lang in Apeldoorn gewoond,
waar hij ook is overleden.
Na de middelbare school ging hij in een kolenmijn werken, ging
vervolgens bij de zeevaart en kwam tenslotte bij Centraal Beheer
(Verzekeringen) in Apeldoorn terecht.
Hij is niet getrouwd.
vader:
Philippus Reinhard (1889-1980)
Frederik Willem Nicolaas (21 augustus 1947- )
Hij is geboren in Amsterdam.
Hij is getrouwd met E.R. Sewgobind (16 juni 1946-
).
Momenteel is hij bankemployée bij de Nederlandse Middenstand
Bank in Amsterdam.
kinderen:
1)Nathalie Ianthe Rosnhi (1977- )
vader:
Kornelius (1923-1991)
Frederik Willem Nicolaas (6 mei 1948- ) (A)
Hij is geboren in het diaconessenhuis in Leiden.
Hij is gehuwd met L. de Rot en werkzaam bij de PTT in Rotterdam.
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1922- )
Guillette (20 maart 1857-
) (A)
Op 1 september 1882 trouwde ze in Winterswijk met Wander Elibertus
Hijink (28 februari 1850-11 april 1912), die notaris in Nijmegen
was.
Ze is overleden in Winterswijk.
vader:
Frederik Jacob Anthonie (1824-1878)
Gemma (16 februari 1891-12 oktober 1960) (A,P)
Ze is geboren in Axel. Al op jonge leeftijd toonde ze grote belangstelling voor muziek en met name zang had haar voorkeur. Ze had privé zangles van Bouwmans, de leider van het zangkoor "Orelia". Deze probeerde haar te koppelen aan "rooie Miel", een zoon van de rijke katholieke boer Eisenbaart. Dit is echter uitgelekt. Gemma kreeg van haar vader huisarrest; en toen zij seringen uit de ramen strooide liet hij haar ramen dichttimmeren. Bouwmans raakte bijna al zijn leerlingen kwijt en werd op die manier het dorp uitgewerkt. Ze heeft nog enige tijd pianoles gehad in België. Gemma is altijd ongetrouwd gebleven en uiteindelijk werd ze verpleegster. Ze overleed in Oegstgeest waar ze is begraven op 15 oktober 1960 bij de Willibrordkerk.
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1859-1922)
Gregory ( - )
vader:
Paul Gabriël (1928- )
Gerarda Charlotte (2 januari 1882-5 december 1915) (A)
Ze is geboren in Apeldoorn.
Ze is getrouwd in Apeldoorn met Arie le Coultre (10 augustus 1882-
).
Haar man was leraar in de zang en declamatie en is een zoon van
Abraham Pieter le Coultre en A.N. de Wit.
Zelf was ze solo-zangeres en lerares in de zang. Al op 32 jarige
leeftijd kwam ze te overlijden in Apeldoorn.
vader:
Johannes Bartholomeus (1837-1923)
Gerhard Willem Karel (29 augustus 1826-15 (16) juli 1893) (A,P)
Hij is geboren in Veldhausen, waar hij gedoopt is op 6 september
1826. Op 21 maart 1849 is hij getrouwd in Neuenhaus met Euphemia
Gerhardine Henriëtte Cramer (19 januari 1829-31 januari 1907),
een dochter van Herman Cramer en Helena Aleida Hendrika Selkens.
Hij studeerde eerst theologie in Utrecht, maar hij weigerde zijn
proponentsfomulier te tekenen vanwege de sterke moderne richting
in de N.H. Kerk. Vervolgens ging hij naar de Theologische Hogeschool
in Kampen. Zijn theologische studie in Kampen verliep vlot. In
juni 1858 legde hij het literarisch examen af en precies een jaar
later meldde hij zich aan voor het kandidaatsexamen. Tot de bediening
des Woords werd hij echter niet toegelaten. Curatoren en docenten
achtten hem onbekwaam, gelet op de "weinige uitgebreidheid
in kennis en gebrek aan genoegzame vastheid in hetgeen bij het
examen geopenbaard is". Dat was een grote tegenvaller, ook
maatschappelijk gezien, want het echtpaar Hugenholtz had sinds
29 maart van dat jaar ook de zorg voor een zoon, die in Kampen
was geboren. De afgekeurde kandidaat bleek echter niet voor één
gat te vangen en hij wendde zich prompt tot de classis Overijssel
van de kruisgemeenten. Deze wees hem echter op haar vergadering
van 26 juli 1859 ook af en achtte de examinandus "geheel
ongeschikt, uit hoofde dat hem alle geestelijkheid ontbreekt."
Hij gaf het echter nog niet op.
In Deventer kwam hij in aanraking met kruisdominee ds. Cornelis
van den Oever, die in 1858 na een conflict een min of meer geïsoleerde
positie innam. Aan hem gaf hij te kennen ontevreden te zijn over
de predikanten Plug en Klinkert, tegenstanders van Van den Oever.
Deze mededeling was uiteraard koren op de molen van Van den Oever.
De broeders werden het eens, de familie Hugenholtz verhuisde naar
Rotterdam, waar Hugenholtz ging assisteren in Van den Oevers gemeente.
Op 11 april 1860 werd hij zelfs toegelaten tot de evangeliebediening
en dat nog wel tegelijk met zijn zwager Herman Cramer, die na
een opleiding tot evangelist te Barmen was vastgelopen wegens
de liquidatie van de Vereniging voor inwendige zending, die door
A. Capadose werd geleid. De beide zwagers werden met name geëxamineerd
in de kerkelijke geschiedenis alsmede in de stellige en de weerleggende
godgeleerdheid.
In oktober 1860 wendde Van den Oever en Hugenholtz zich samen
tot de minister van eredienst met het verzoek om als kerkgenootschap
erkend te worden onder de naam van oud-gereformeerden: voor Hugenholtz
een bekende klank. Het verzoek werd afgewezen. Bij zijn ambtswerk
kreeg Van den Oever nog een bijzondere taak. Sinds de zomer van
1860 woonde in Rotterdam de gewezen zilversmid Abraham Verheij
(1821-1913), afkomstig uit Schoonhoven. Deze kreeg lessen van
Hugenholtz en die sloegen dusdanig aan dat hij, reeds na ongeveer
zeven weken onderricht, regelmatig uit preken ging.
Maar het bleef niet goed gaan, want Van den Oever raakte met zijn
collega in onmin en zo scheidden hun wegen. Voor Hugenholtz was
er echter vlakbij een passend alternatief.
Sinds 1858 kwamen bezwaarde kruisgezinden, min of meer aangevoerd
door H. Mondeloo, in een aparte kring samen. Daarbij voegde zich
in oktober 1861 de kerkmeester J.O. Lindeman, een borstelfabrikant,
die voor de groep een kerkje liet bouwen aan de Goudseweg. Daar
trad ds. Hugenholtz korte tijd op. Toen in het begin van 1862
ook Lindeman met Hugenholtz ruzie kreeg, werd de relatie verbroken
en verliet de familie Hugenholtz de Maasstad. Vervolgens diende
hij nog als voorganger een vrije kring in Hazerswoude en aansluitend
een wankele kruisgezinde groepering in Hellevoetsluis, waarna
de familie naar Haarlem zou zijn vertrokken.
In 1865 verbleef de familie weer in het vertrouwde Bentheim, waar
op 31 oktober een tweede kind werd geboren.
uiteindelijk werd hij handelsreiziger, maar hij preekte wel 's
zondags en in de week door heel Nederland. Vooral in de Christelijk
Gereformeerde kerk preekte hij veel. Zo vertelde een oude man
uit Numansdorp eens aan mijn grootvader, ds. G.W.K. Hugenholtz
(1889-1969), dat hij hem eens lang geleden had horen preken in
een schuur op de Schuringsedijk, samen met ds. van Paassen. Hij
werd door zijn vrienden "de dominee" genoemd. Hij moet
erg goed zijn geweest in het spreken en dichten in het Latijn.
Uiteindelijk overleed hij in Utrecht op 66 jarige leeftijd, volgens
zijn weduwe "zacht en kalm". In 1905 overleed zijn echtgenote
in Amsterdam, bij haar dochter thuis, waarna ze in het graf van
haar echtgenoot werd bijgezet.
kinderen:
1)Johannes Bernhardus Theodorus (1849-1857)
2)Johannes Bernhardus Theodorus (1859-1922)
3)Helena Aleida Hendrika (1865-1942)
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1796-1871)
Gerhard Willem Karel (25 december 1889-18 maart 1969) (A,P)
Hij is geboren in geboren in Zuid-Beyerland. In Axel zat hij
op de Christelijke Nationale School, waar zijn vader voorzitter
van was. Hierna ging hij naar het Gereformeerd Gymnasium in Amsterdam
en was in huis bij zijn oom en tante Crap Hellingman. In die tijd
zei men dat hij voor "Galg en Rad" op zou groeien. Wegens
banden met de Katholieke Kerk is hij ook nog twee weken van school
gestuurd. Na twee jaar hield hij de school voor gezien en ging
voor onderwijzer studeren. Op 6 mei 1910 haalde hij zijn onderwijzersakte
in Middelburg. Vlak daarop werd hij Christelijk onderwijzer in
Axel (daarvoor had al enige tijd stage gelopen bij een lagere
school in Spui, bij Axel). Vanaf 1 januari 1914 tot 30 september
1917 was hij onderwijzer aan de Hervormde school in de Waterstraat
die in de beruchte wijk c in Utrecht lag. In Utrecht begon hij
zich actief bezig te houden met het sociale werk. Vooral aan de
bestrijding van de drankellende had hij zijn handen vol. Na enkele
jaren stelde hij zichzelf voor de keuze: òf school òf
het staatsexamen halen gevolgd door een studie òf verder
gaan in het sociale werk. Hij koos tenslotte voor zijn studie,
maar bleef zich toch actief inzetten voor het sociale werk. Om
zich in zijn levensbehoeften te voorzien had hij daarnaast nog
allerlei baantjes; zo was hij vertegenwoordiger voor de geneesmiddelenfabrikant
"Glypho".
Al deze bezigheden kostten hem zoveel tijd, dat hij zich in 1922
vlak voor het staatsexamen maar "ziek" meldde. Op 17
augustus 1923 slaagde hij tenslotte voor zijn staatsexamen A.
Hierop volgde hij de theologische studie aan de Rijksuniversiteit
in Utrecht. Tijdens zijn studie stak hij ook veel tijd in evangelisatie
en gevangenisbezoek. Zijn proponentsexamen haalde hij op 8 november
1928. Op 19 mei 1929 werd hij als N.H. predikant bevestigd in
de gemeenten Ransdorp en Schellingwoude, door ds. A.H. de Hartog
(vader van de schrijver Jan de Hartog). In deze periode leerde
hij zijn toekomstige echtgenote kennen; Rose Lehmkuhl (14 mei
1905-27 oktober 1992). Ze is een dochter van Karl Friedrich Lehmkuhl
en Grietje "Gretchen" Leeuwarden. Ze leerden elkaar
kennen tijdens een vakantie in Heidelberg. Ze verloofden zich
14 juli 1930 in Oegstgeest en traden op 14 juli 1931 in Bremen
in het huwelijk. Een half jaar later, op 10 januari 1932 werd
hij predikant in de gemeente Klaaswaal, vervolgens was hij vanaf
21 april 1946 predikant in Woubrugge en in Nijkerkerveen vanaf
24 april 1949. Op 1 mei 1955 ging hij met emeritaat. Blijkbaar
kon hij niet zonder zijn werk, want vanaf 1955 was hij hulppredikant
in Zeist, vanaf 1957 in Driebergen en in Utrecht vanaf 1960 tot
13 september 1966.
Hij overleed in Zeist op 79 jarige leeftijd en is daar begraven
op de Algemene Begraafplaats op 22 maart 1969 (graf C3939).
kinderen:
1)Johannes Bernhardus Theodorus (1932- )
2)Margreth (1934- )
3)Coenraad Albertus Jacobus (1937- )
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1859-1922)
Gerhard Willem Karel (29 oktober 1964- ) (A,P)
Hij is geboren in Ziekenhuis "de Lichtenberg" in
Amersfoort. Op 6 december 1964 werd hij gedoopt in de N.H. kerk
in Bunschoten door ds. J. Arendsen.
In 1987 is hij begonnen aan de studie farmacie aan de Rijksuniversiteit
in Utrecht. Doctoraalexamen Farmacie op 11 december 1991. Tweede
fase opleiding tot apotheker vanaf 6 februari 1992. Beëdigd
tot apotheker op 11 maart 1994 in Utrecht. Gewerkt als apotheker
in ziekenhuis St. Jansdal in Harderwijk van april-juni 1994, Antonius
Ziekenhuis in Nieuwegein van juli-september 1994. Vanaf oktober
1994 hoofd van de apotheek van de HC Rümke groep, een groot
algemeen Psychiatrisch Ziekenhuis in Den Dolder, Utrecht en Zeist
en Nieuwegein. Vanaf juli 1997 (tot juli 2001) tevens in opleiding
tot algemeen ziekenhuisapotheker in het Diakonessenhuis in Utrecht.
Hij is verloofd op 28 mei 1988 met Monique Isabella Patricia van
Kalken (10 maart 1969-
), Zij heeft rechten gestudeerd aan de Rijksuniversiteit in Utrecht
(1987-1991) en is thans advocaat en procureur in Amersfoort. Ze
is een dochter van Johannes Gerardus Daniël van Kalken en
Matje Jansje Bredewoud. Ze zijn getrouwd op 19 mei 1993 in Amersfoort.
De kerkelijke inzegening vond plaats in de R.K. Kerk in Hooglanderveen.
Tot 1 juni 1990 woonde hij in Bunschoten-Spakenburg, daarna verhuisde
hij naar Austerlitz. Vanaf 1 juli 1991 naar Zeist en vanaf 1 januari
1992 in Amersfoort. Vanaf augustus woonachtig 1996 in Leusden-Zuid.
Kinderen:
1)Alexander Daniël Gerhard (1996-
)
2)Christiaan Gabriël Gerhard (1996-
)
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1932- )
Hermanna (9 maart 1763- 25 januari 1835) (A)
Ze is geboren in Zutphen en overleden in Leiden. Op 17 oktober 1794 trouwde ze in Delft met prof. dr. Meynhard Tydeman (20 maart 1741-1 februari 1825). Haar echtgenoot was geboren in Zwolle en hoogleraar in de rechten en tevens Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, lid van het Koninklijk Nederlands Instituut en van de Koninklijke Academie in Brussel en Leiden. Hij is een zoon van Hendrik Willem Tydeman en Johanna Onkruit.
Onze zeer geliefde Moeder en behuwd-Moeder, HERMANNA
HUGENHOLTZ, wed. van den Hooggeleerden Heer Mr. Meinard Tydeman,
is, na een langzaam verval van krachten, dezen nacht alhier ontslapen,
in den ouderdom van bijna 72 jaren; waarvan wij de vrijheid nemen,
wegens hare en onze menigvuldige betrekkingen, alléén
op deze wijze algemeen kennis te geven.
Leyden, Mr. H.W.
TYDEMAN
25 Januarij 1835. Uit aller naam
kinderen:
1)Pieter Herman Tydeman ( -
)
2)Constans Tydeman ( - )
3)Anna Geertruida Tydeman (1796- )
vader:
Petrus Hermannus (1728-1811)
Hendrik ( - )
Hij is al op jonge leeftijd overleden.
vader:
Frederik Willem (1758-1808)
Hendrika (13 november 1860-10 april 1892) (A,P)
Ze is geboren in Batavia. Op 22 augustus 1891 trouwde ze in
Soekaboemi met dr. Leonard Eduard van Teyn (13 juni 1849-
), een zoon van Leonard van Teyn en J.D. van Munster.
Ze overleed aan boord van S.S. "Burgemeester den Tex",
vier dagen na vertrek uit Batavia, op weg naar Nederland.
vader:
Fredericus Arnoldus Bernhardus (1820-1876)
Hans ( 1937- )
Hij is getrouwd in 1965 met Olga Erickson en woont momenteel in Auckland. Ze hebben twee aangenomen kinderen.
kinderen:
1)Jonathan (1971- )
2)Annelies (1973- )
vader:
Kornelius (1897-1962)
Herman (10 augustus 1940- ) (A)
Hij is geboren in het diaconessenhuis in Hilversum.
Momenteel is hij neuroloog in Canada.
vader:
Eduard Herman (1911- )
Henriëtte (19 september 1967- ) (P)
Ze heeft gestudeerd aan het conservatorium in Utrecht en is afgestudeerd op klassieke zang.
vader:
Coenraad Albertus Jacobus (1937- )
Henricus Albertus ( 1624- 1694)
vader:
naam onbekend (1587-1649)
Hendrik Adrianus (19 april 1807- )
Hij is geboren in IJsselstein, waar hij gedoopt is op 7 mei 1807. Zijn peter is Hendrik van Giltay en zijn meter is Adriana van Sull. Waarschijnlijk is hij al op zeer jonge leeftijd overleden.
vader:
Johannes (1755-1816)
Helena Aleida Hendrika (31 oktober 1865- 1942) (A)
Ze is geboren in Neuenhaus. Op 14 juli 1892 trouwde ze in Utrecht
met Jacobus Lambertus Crap Hellingman (14 oktober 1862-8 april
1937). Haar man was postdirecteur in Laren vanaf 1910 tot zijn
pensionering in 1924.
Ze is overleden in Amsterdam en begraven in Laren.
kinderen:
1)Adolf Hendrik Crap Hellingman (1893- ), geboren
in Utrecht.
vader:
Gerhard Willem Karel (1826-1893)
Hillegonda Cornelia (22 november 1863- ) (A)
Ze is geboren in Delden en overleden in Detroit.
Op 25 juni 1887 trouwde ze in Grand Rapids (Michigan) met Johan
Cornelius van der Haagen.
kinderen:
1)Wilhelmina van der Haagen (1888- ), geboren
in Grand Rapids.
Ze is op 2 september 1888 door haar grootvader Hugenholtz
gedoopt.
2)Hendrika Cecilia Francina(1889- ), geboren
in Grand Rapids.
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1839-1900)
Hillegonda Cornelia (9 mei 1871-20 januari 1967) (A)
Ze is geboren in Apeldoorn en was apotheker in het Wilhelminagasthuis in Amsterdam. Op 95 jarige leeftijd overleed ze in Oosterbeek. Ze werd gecremeerd in Dieren op 25 januari 1967.
vader:
Johannes Bartholomeus (1837-1923)
Hillegonda Elisabeth (29 september 1867-20 november 1867) (A)
Ze is geboren en overleden in Apeldoorn.
vader:
Johannes Bartholomeus (1837-1923)
Henriëtte Frederica (13 maart 1889-19 april 1984) (A)
Ze is geboren in Grand Rapids en trouwde in Amsterdam op 13
september 1912 met Bernhardus Dominicus Hubertus Tellegen (7 juli
1888-15 januari 1920). Hij is een zoon van Jan Willem Cornelius
Tellegen. die tijdens de eerste wereldoorlog burgemeester was
van Amsterdam en Alida Jacoba Fock. Zelf was hij houtvester bij
het boswezen in Indië. Hij overleed op jonge leeftijd in
Indië aan cholera, waarna zijn vrouw en kinderen naar Nederland
terugkeerden.
De laatste jaren van haar leven bracht ze door in verzorgingstehuis
"de Lichtenberg" in Amersfoort. Ze overleed op 95 jarige
leeftijd in Amersfoort. De crematie vond plaats in crematorium
"Ölandhorst" in Lelystad op 24 april 1984.
kinderen:
1)zoon Tellegen (1913- ), geb. Bodja, Residentie
Samarang.
vader:
Paul Theodoor (1865-1939)
Hidde Frederik (11 februari 1956- ) (A)
Hij is geboren in Oegstgeest en getrouwd met Willemijn Wamsteker.
kinderen:
1)Sophie Caroline (1992- )
vader:
Jan Benjamin (1928- )
Hendrika Gesina Guillette (23 juni 1849-ná 1912) (A)
Ze is geboren in Amsterdam,en heeft daarnaast in Winterswijk
en Roermond gewoond.
Op 4 juli 1879 trouwde ze met Jan Hendrik Willem Lindeman, landmeter
(4 januari 1844-1 februari 1912), een zoon van Jan Willem Lindeman,
steenfabrikant en Johanna Margaretha Tjeenk Willink.
kinderen:
1)Frederik Jacob Anthonie Lindeman, geboren s Hertogenbosch
3 augustus 1880
2)Johanna Hendrika Lindeman, geboren s Hertogenbosch 28
augustus 1881
3)Catharinus Marius Anne Alettus Lindeman, geboren Zutphen 19
december 1883
4)Herman Jan Lindeman, geboren Zutphen 26 mei 1886
5)Willem Nicolaas Lindeman, geboren Zutphen 20 april 1892
vader:
Frederik Jacob Anthonie (1824-1878)
Harold Hubert Diederik (28 september 1963- )
vader:
Erik Robbert Frederik (1930- )
Henriëtte Johanna Maria (10 november 1952- ) (A)
Ze is geboren in Oegstgeest.
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1922- )
Helena Jacoba Theodora (1 mei 1833- ) (A)
Ze is geboren in Dokkum.
Ze is niet gehuwd en woonde in 1895 in Amsterdam.
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1790-1868)
Henriëtte Maria (26 oktober 1879- ) (A)
Ze is geboren in Santpoort. Ze is getrouwd in Grand Rapids, Michigan (Verenigde Staten), op 10 december 1903 met Bernard Brouwer. Ze heeft gewoond in Denver (Colorado).
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1839-1900)
Harold Otmar Theobald (20 augustus 1934-omstreeks 1992? ) (A)
Hij is getrouwd in Den Haag op 7 mei 1960 met C.R. Wiarda.
kinderen:
1)Paul Gabriël (1961- )
2)Elize ( - )
vader:
Paul Theodoor (1903-1987)
Hendrika Petronella ( 1770-12 mei 1844) (A)
Ze was ongehuwd en is overleden in Maassluis, "Na eene zeer korte ongesteldheid". Volgens van Ooyen's Stam en Wapenboek heette ze Henriëtte in plaats van Hendrika.
vader:
Petrus Hermannus (1728-1811)
Herman Petrus (17 september 1866- ) (A)
Hij is geboren in Delden en getrouwd in Grand Rapids met Sophia
Schouten.
Tevens heb ik gevonden dat hij op 12 juni 1890 trouwde met Hendrina
de Vries (18 december 1870-
).
In juni 1890 verscheen in "Stemmen uit de Vrije Hollandse
Gemeenten in Amerika" het volgende bericht:
Op 12 juni werd door den voorganger het huwelijk gesloten tusschen Mr. Herman P Hugenholtz en Miss Hendrina de Vries. Dit werd in de kerk gesloten en opgeluisterd door een schoone versiering van groen en bloemen, door leden van het koor ter ere van het bruidspaar, hunne medeleden, aangebracht.
In september van dat jaar verscheen in hetzelfde blad de volgende mededeling:
Het kleine koor zal ook weldra zijn wekelijkse bijeenkomsten hervatten onder de directie van mr HP Hugenholtz.
Vanaf dit moment houdt de informatie over hem op. Op geen enkele manier heb ik latere informatie over hem kunnen vinden.
kinderen:
1)Elisabeth Clara (1892- )
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1839-1900)
Herman Pieter (22 mei 1869-1 december 1928) (A)
Hij is geboren in Amsterdam. Hij was vertegenwoordiger van
J.P. Hartmann (tuinbouwinrichting in Gent).
Op 11 juli 1899 is hij getrouwd in Amsterdam met Alma Henriëtte
Beatrix Wittouck (13 juli 1877-ná 1942). Ze is geboren
in Kortrijk en is een dochter van Pierre Joseph Wittouck en Felice
Passet.
Hij overleed in Brussel.
kinderen:
1)Willy (1902-1969)
2)Ferdinandus Walter (1905- )
3)Frieda Vera (1906- )
vader:
Petrus Hermannus (1834-1911)
Hendrikus Stephanus (22 januari 1762-11 april 1842) (A)
Hij is geboren in Emlichheim, waar hij gedoopt is op 24 januari
1762. Hij studeerde vanaf 22 september 1780 in Groningen. "Met
lof onder het getal der Proponenten aangenomen".
Uit het lidmatenboek van Emlichheim is het volgende fragment ontleend:
"Tot dit jaar 1781 behoort ook het volgende, waarvan de aantekening op de tijd vergeten was en daarom hier achteraan gesteld moest worden, te weten dat Pastor Hugenholtz den 11 july tot lidmaat heeft aangenomen, Hendrikus Stephanus Hugenholtz, student in de H. Godgeleerdheid, desselfs jongsten zoon.
5 januari 1782: Hendricus Stephanus Hugenholtz, student in de H. Godgeleerdheid, vertrokken naar Groningen.
Eerst was hij enige maanden hulppredikant in Velzen en vervolgens
kandidaat op 19 maart 1786 in Sleen (Drenthe).
Hij was predikant in Genemuiden vanaf 5 juli 1789, in Emlichheim,
waar hij bevestigd werd op 31 juli 1791 door ds. Steevens en de
volgende zondag op 7 augustus 1791 deed hij zijn intrede met Handelingen
16: 9 en 10. Op 15 april 1804 nam hij afscheid met de woorden
van Paulus uit I Corinthe 16: 23 en 24.
EMLENKAMP den 5 Febr. Heden maakte onze waardige en hartelyk
geliefde jongste Leeraar H.S. HUGENHOLTZ ons bekend, dat zyn Wel
Eerw. tot jongsten Herder en Leeraar in de Gemeente van Velthuizen,
wettig en eenstemmig beroepen was, en deze beroeping den tyd van
14 dagen in beraad genomen hadde. Wy maakten ons die tyd ten nutte,
om zyn Wel Eerw. wiens dienstwerk ons ruim twaalf jaren zo aangenaam
en nuttig was geweest, tot een langer verblyf te bewegen, dan
op den 19den dezer gaf zyn Wel Eerw. tot onze innige smerte ons
in een Voorafspraak uit Spreuk. XVI: 9. kennis, dat zyn Wel Eerw.
zich had verplicht gevonden deze beroeping in de vreeze des Heeren
aan te nemen.
Boekzaal der Geleerde Wereld, maart 1804.
De rest van zijn leven bracht hij door in Veldhausen, waar
hij vanaf 22 april 1804 predikant was.
Hij trouwde in 1891 met Hendrina Keller (1 oktober 1758-11 oktober
1830), met wie hij 39 jaar getrouwd is geweest. Ze is overleden
in Veldhausen. Ze is een dochter van Willem Keller en Catharina
Krull. Haar overlijden word herdacht in de volgende advertentie:
Heden ontsliep zacht en zoo wij vertrouwen, zalig, mijne
tedergeliefde Echtgenoote, HENDRINA KELLER, in den ouderdom van
72 jaren en 10 dagen, met welke een genoeglijke Echt van 39 jaren
mij verbond.
Zeer gevoelig treft mij en mijne kinderen dit verlies; daar
ik in haar eene teerbeminde Echtgenoote en zij eene liefhebbende
Moeder betreuren. Het geloof intusschen, dat het God is, die dit
doet en dat zijn doen altijd wijs en goed is, doet mij zwijgen;
terwijl de hoop des zaligen wederziens ons in droefheid vertroost.
VELDHUIZEN,
H.S. HUGENHOLTZ,
Graafschap Bentheim,
Predikant.
11 oktober 1830.
mede uit naam mijner Kinderen.
Strekkende deze tevens tot kennisgeving aan Familie en Bekenden.
In 1834 vond er een afscheiding van de kerk plaats, door mensen
die vonden dat de kerk niet orthodox genoeg was. Ze werden "Kocksianen"
genoemd. Ze hadden gehoopt dat ds. Hugenholtz ook met hen mee
zou doen, maar deze was blijkbaar niet orthodox genoeg. Toch schijnt
hij erg populair geweest te zijn bij de Kocksianen, die hem ook
regelmatig om advies kwamen vragen.
Twaalf jaar na het overlijden van zijn echtgenote overleed hij
in Veldhausen.
God, den alvermogenden Beschikker over leven en dood,
behaagde het, onzer zeer geliefden Vader en Grootvader op heden
door een zachten en kalmen dood, in de ouderdom van omstreeks
één-en-tachtig jaren, van onze zijde weg te nemen.
Hij was grijs geworden in 's Heeren dienst, als een getrouw dienstknecht
in zijne gemeente, in welke hij gedurende eene reeks van 57 jaren
met ingenomenheid en ijver door leer en voorbeeld, het Evangelie
verkondigde. Zoo vloeijen dan onze tranen met de tranen zijner
gemeente, op het graf des ontslapenen, tranen der dankbare herinnering,
tranen der Christelijke liefde en hope. Christus was zijn leven;
daarom weten wij, dat hij leeft, al is hij ook gestorven.
VELDHUIZEN,
J.B.T. HUGENHOLTZ,
den 11den april 1842.
Predikant.
mede uit naam mijner kinderen.
Algemene en bijzondere kennisgeving.
kinderen:
1)Johanna Bernharda Theodora (1794- )
2)Johannes Bernhardus Theodorus (1796-1871)
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1725-1789)
Henricus Stephanus Johannes (29 mei 1820-29 december 1865) (A,P)
Hij is geboren in Neuenhaus. Vanaf 26 oktober 1841 studeerde
hij theologie in Utrecht (cum testemonis Gymnasii Osnabruggenius)
en werd doctor in de theologie. In november 1845 werd hij predikant
in Bentheim (D) en vervolgens in Veldhausen vanaf 27 september
1846 waar hij zijn intrede hield over Jesaja 52: 7a en in Zwolle
vanaf 23 januari 1853 waar hij zijn intrede hield over II Timotheus
2: 9b.
In Zwolle deed hij niet veel aan huisbezoek, hij sloot zich op
in zijn huis en bleef vaak tot één uur in bed. Ook
schijnt hij niet zo best te hebben kunnen omgaan met ds. van Senden
uit Zwolle. Ds. van Wijk uit Zwolle vertelde rond 1915 aan mijn
grootvader, ds. G.W.K. Hugenholtz (1889-1969), dat hij van Senden
eens voor "Schoapendief" had uitgemaakt, omdat hij hem
kerkbezoekers af zou troggelen.
Eens op huisbezoek geroepen bleek hem dat men hem onder voorwendsel
van ziekte in een gezelschap wilde vragen over de Heilige Geest.
Met de woorden: "De Heilige Geest is een geest van waarheid
en die vind ik hier niet", vertrok hij weer. Hij was dr.
in de theologie en hij schijnt een goede predikant te zijn geweest.
Zo heeft de broer van mijn betovergrootmoeder, ds. Cramer, rond
1900 aan mijn grootvader verteld dat hij tijdens één
van zijn preken bekeerd is.
Op een oudejaarsavond is hij eens zonder de zegen uit te spreken
uit de kerk vertrokken, omdat er in de kerk oudejaarsschieten
plaats zou vinden. Op 2 juli 1854 vertrok hij als predikant naar
Emmen. Hier maakte hij al snel kenbaar dat hij niet langer in
de oude kerk wilde preken en zorgde hij er voor dat aan de bouw
van een nieuwe kerk begonnen werd. Op 2 juli 1856, 2 jaar na zijn
komst naar Emmen, wijdde hij de nieuwe kerk in met een rede over
Genesis 33: 17b: "Maar Jacob reisde naar Sukkoth en bouwde
een huis voor zich en maakte hutten voor het vee; daarom noemde
hij de naam dier plaats Sukkoth".
Hij is op 12 april 1859 getrouwd met Alida Marie Johanna Weber
(16 februari 1828-
1924). Zijn echtgenote is op zeer hoge leeftijd overleden in Neuenhaus.
Hij is -na een ziekbed van drie maanden- overleden in Emmen aan
een Keelziekte en begraven in het familiegraf in Veldhausen. Dit
familiegraf was bij mijn bezoek aan Veldhausen in 1987 niet meer
aanwezig.
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1796-1871)
Henricus Stephanus Johannes (16 juni 1895-27 december 1956) (A,P)
Hij is geboren in Axel.
Hij was directeur van een suikerfabriek in Halfweg, vervolgens
directeur van een suikeronderneming in Djambong en weer later
in Saigon. Op 16 oktober 1919 trad hij in Saigon in het huwelijk
met Helena Catharina Johanna de Boer (14 februari 1898-ca 1986).
Ze is een dochter van Pieter de Boer en Helena Gerlach.
kinderen:
1)Mathilde Hélène (1924- )
2)Henricus Stephanus Johannes (1928- )
Hij hertrouwde in Tuy-Hoa (Indo-China) op 6 juni 1936 met Cornelia Carolina Goelst (2 november 1908- ). Uit dit huwelijk zijn geen kinderen geboren. Zijn woonplaatsen waren: Axel, Doetinchem, Halfweg, Java, Indo-China en Parijs. Hij is overleden in Leiden aan leukemie en begraven op 31 december 1956 op de algemene begraafplaats "Crooswijk" in Rotterdam.
vader:
Johannes Bernhardus Theodorus (1859-1922)
Henricus Stephanus Johannes (26 januari 1928- )
ZIE HET GESLACHT HILLWOOD
vader:
Henricus Stephanus Johannes (1895-1956)
Hayley Theresa (20 april 1970- )
Ze woont bij haar moeder in het noorden van Engeland.
vader:
Richard Jan (1943- )
Isaäc (16 januari 1760-17 april 1830) (A)
Hij is waarschijnlijk geboren in IJsselstein en is getrouwd
(in 1794?) met Geertruida Margaretha van der Bank.
Over hem verscheen de volgende overlijdensadvertentie in de krant.
Heden is alhier, na eene ongesteldheid van 3 maanden,
in den ouderdom van 70 jaren en 3 maanden, overleden, de Heer
ISAAC HUGENHOLTZ, in leven Stads- en Gasthuis - Apotheker, alhier.
Amsterdam den 17den april 1730.
Familie, Vrienden en Bekenden, buiten deze Stad, gelieven
deze Algemeene tevens als bijzondere kennisgeving aan te merken.
Zullende er geene uiterlijke teekenen van rouw worden aangenomen.
In mijn bezit is een gedicht dat hij voor zijn vrouw heeft gemaakt, ter gelegenheid van haar verjaardag.
kinderen:
1)Elisabeth Catharina (1791-1867)
2)Johanna Wilhelmina (1796-1860)
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1724-1797)
Isaäc (1 januari 1802-14 oktober 1802)
Hij is geboren en overleden in IJsselstein. Op 3 januari 1802 is hij daar tevens gedoopt.
vader:
Johannes (1755-1816)
Johannes (26 augustus 1755-12 mei 1816) (A)
Hij is geboren in IJsselstein en aldaar gedoopt op 27 augustus
1755. Hij is een tweelingbroer van Fredericus Arnoldus Bernhardus
(1755-1819).
Op 19 april 1794 ging hij in ondertrouw in Geertruidenberg om
vervolgens in IJsselstein in het huwelijk te treden op 7 mei 1794
met Johanna van Sull (1768-24 september 1841). Deze is geboren
in Geertruidenberg en overleden in Dordrecht. Uit dit huwelijk
zijn 9 kinderen geboren. Ze is een dochter van Roelof van Sull
en Adriana Spuybrök.
hierover is in het kerkelijk trouwboek van IJsselstein het volgende
terug te vinden:
Op 19 april zijn op bewijs van wettige ondertrouw te
Geertruidenberg geschied op den 17 april, de huwelijk proclamatiën
alhier toegestaan aan:
Johannes Hugenholtz j.m. geb. en won. alhier en Johanna
van Sull j.d. geb. en won. binnen Geertruidenberg alhier getr
op 7 mey.
Hij was burgemeester en schepen van IJsselstein, waar hij op
59 jarige leeftijd overleed.
Eén van zijn kinderen is op 19 februari 1810 overleden.
kinderen:
1)Petrus Arnoldus Conradus (1795-1866)
2)Roelof Adrianus (1796- )
3)Fredericus Arnoldus Bernhardus (1798-1802)
4)Adriana Hendrika (1800-1847)
5)Isaäc (1802-1802)
6)Jan Willem (1803- )
7)Sara Susanne (1805-1857)
8)Hendrik Adrianus (1807- )
9)Elisabeth Catharina (1811-1811)
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1724-1797)
Johannes (21 juli 1794-12 oktober 1830) (A)
Hij is geboren in Amsterdam. Eerst was hij getrouwd met Anna Catharina Niestraadt.
kinderen:
1)Fredericus Arnoldus Bernhardus (1820-1876)
2)Mechtilda Maria Cornelia (1822-1878)
Vervolgens trouwde hij met Mathilde Mari en daarna met Maria Elisabeth Claas (ca 1793 -12 oktober 1865). Ze is overleden in Elst op 72 jarige leeftijd.
vader:
Fredericus Arnoldus Bernhardus (1755-1819)
Johanna (16 februari 1856-16 augustus 1875) (A)
Ze is geboren in Haarlem en overleden in Arnhem in het huis van haar tante Hoffmann.
vader:
Philips Reinhard (1821-1889)
Jacoba (4 juni 1871-7 september 1874) (A)
Ze werd herdacht in de volgende advertentie:
Deze nacht overleed ons lief driejarig dochtertje JACOBA,
na een hevige uitputtende ziekte van ruim drie weken.
F.W.N. HUGENHOLTZ.
H.C.F. HUGENHOLTZ
van GOGH.
Zierikzee, 7 sept. 1874.
Eenige kennisgeving
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1839-1900)
Jeroen ( 1957- ) (A)
Hij is geboren in Leiden en trouwde met Yolanda Holthuijzen,
die hij leerde kennen doordat ze allebei Biologie studeerden aan
de Rijksuniversiteit in Groningen. Na hun doctoraalexamen zijn
ze allebei verbonden aan de afdeling microbiologie van de subfaculteit
Biologie in Haren. Ze promoveerden allebei op 24 oktober 1986.
Hij had de stabiliteit onderzocht van mengsels van bacteriën
die nodig zijn voor de bereiding van kaas. Door zijn bevindingen
is het nu mogelijk om kaas van constante kwaliteit te maken.
Zijn vrouw onderzocht de functie van carboxysomen, zeshoekig lichaampjes
die in sommige bacteriën voorkomen.
Na zijn promotie is hij in dienst getreden van de University of
Georgia in Athens (Verenigde Staten). Thans is hij verbonden als
microbioloog aan het NIZO (Nederlands Instituut voor Zuivel Onderzoek)
te Ede. Ze zijn begin jaren 90 gescheiden. Zijn ex-echtgenote
is adjunct-directeur van het proefstation voor de bloemisterij
en glasgroenten.
kinderen:
1)Floor ( 1986- )
2)Michiel (1988- )
vader:
Nicolaas Marinus (1924- )
Jonathan ( 1971- )
vader:
Hans (1937- )
Johanna Adriana (12 april 1797-27 januari 1887) (A)
Ze is geboren in Zoetermeer en woonde halverwege de 19e eeuw in Utrecht. Nadat de 2e vrouw van haar broer Petrus Hermannus (1796-1871) was overleden en zijn dochter in het huwelijk trad, nam zij de zorg voor de huishouding over. Ze is ongetrouwd gebleven. Ze overleed op 89 jarige leeftijd in Rotterdam.
vader:
Petrus (1766-1832)
Johan Adriaan (14 januari 1842- ) (A)
Hij is geboren in Rotterdam.
vader:
Petrus Hermannus (1796-1871)
Joyce Anne (13 december 1953- ) (A)
Ze is geboren in Djakarta als tweelingzuster van Charles James Courtney (1953- ). Op 4 oktober 1975 trouwde ze in Schiedam met H.P. Zoetmulder.
kinderen:
1)Eefke Zoetmulder (1980- )
2)Daan Arnaut Zoetmulder (1983- )
3)Jorine Maartje Zoetmulder (1986- )
vader:
Matthew Charles Hardess (1920- )
Juli Jocelyn (4 September 1970- )
Geboren in Auckland, NZ. Geologe. Zij is niet getrouwd.
vader:
Frederik Willem Nicolaas (1924- )
Jan Albert Hendrik (8 september 1817-1 augustus 1829)
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1790-1868)
Johanna Albertha Hendrika (7 februari 1822- ) (A)
Ze is geboren in Vorden.
Op 13 juli 1851 ging ze in ondertrouw in Dokkum en op 26 juli
1851 trouwde ze in Dokkum met A. Posthuma (
-22 oktober 1866). Hij was burgemeester van Dokkum.
kinderen:
1)P.A.C. Posthuma (1852- )
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1790-1868)
Jan Albert Hendrik (12 maart 1825-24 februari 1874) (A)
Hij is geboren in Amsterdam en overleden in Den Haag. Hij was
kapitein-luitenant ter zee en Ridder in de Orde van de Nederlandse
Leeuw en het Legioen van Eer. Over de stranding -die hij meemaakte-
van het stoomradarschip ZR. Ms. Cycloop, dat op 2 januari 1855
in een zware westerstorm op het strand van Zandvoort aan de grond
gezet werd, is een boekje verschenen (1970) dat in mijn bezit
is.De stranding wordt o.a. aan de hand van het scheepsjournaal
beschreven.
Op 21 april 1869 trouwde hij in Den Haag met Elsje Poolman (1835-
) Ze is een dochter van Willem Poolman en Caroline Jacobs.
kinderen:
1)Frederik Jacob Anthonie (1870- )
vader:
Frederik Jacob Anthonie (1792-1832)
Johan Albert Hendrik (5 mei 1864-29 december 1928) (A)
Hij is geboren in Nieuwendiep en overleden in Amsterdam.
Vanaf 1902 was hij notaris in Amsterdam.
Hij is getrouwd met M. de Vroome.
vader:
Petrus Arnoldus Conradus (1828-1903)
Johannes Bartholomeus (29 juli 1837-16 mei 1923) (A)
Hij is geboren in Rotterdam en kreeg als roepnaam Bart.
In het dagelijks leven was hij koopman en vanaf 1876 ontvanger
en vanaf 1909 secretaris van het polderdistrict "Veluwe".
Naast vele openbare functies was hij ook voorzitter van de Kamer
van Koophandel.
Op 24 augustus 1866 is hij in Apeldoorn ge